Audio Art

Elektronische Audio Kunst / Electronic Art Music 1910-1970

“Ik geef de voorkeur aan de uitdrukking “georganiseerd geluid” om te ontkomen aan de steeds terugkerende vraag “Maar is het muziek?” “Georganiseerde geluid” lijkt het duale aspect van muziek als een kunstvorm weer te kunnen geven, met alle recente ontdekkingen in laboratoria, die ons doet hopen op de onvoorwaardelijke bevrijding van muziek, inclusief die van mezelf.” Edgard Varèse (1940)

soundhouses1

Afbeelding 1: Francis Bacon’s Sound-Houses

“…We hebben ook audio huizen, waar we alle geluiden en hun afgeleiden beoefenen en demonstreren. We hebben een harmonie die u nog niet bezit, met geluiden nog kleiner dan een kwart. Diverse muziekinstrumenten die bellen en ringen voortbrengen, zoeter en sierlijker dan u ooit hebt gehoord. We veranderen de van oorsprong kleine geluiden in grote en diepe zoals we grote geluiden zacht en scherp kunnen laten horen. We vertegenwoordigen en imiteren alle gesproken letters van de mens en de stemmen en noten van dieren, zoals de vogels. We gebruiken hulpmiddelen op de oren die de geluidsbeleving veranderen. We hebben ook vreemde en kunstmatige echo’s, die stemmen laten klinken alsof er mee gegooid wordt en harder, scheller of dieper worden weergegeven dan dat de woorden werden ingesproken. De letters en uitspraken van een stem worden van hun oorsprong ontdaan. We hebben alle middelen om geluiden te produceren, in boomstammen en leidingen, in vreemde lijnen en afstanden.” (vrije vertaling naar Francis Bacon “The new Atlantis” (1624): http://www.humanistischecanon.nl/wetenschappelijke_revolutie/francis_bacon)

Francis Bacon (1561-1626) was een van de eerste vooruitgangsdenkers die ervan overtuigd waren dat wetenschap en technologie de mensheid vooruit zouden helpen. In zijn zoektocht gebruikte hij de inductieve methode waarmee men op basis van zintuiglijke waarnemingen, bevrijd van autoriteiten en traditie, ideeën over de wereld vormt. “Kennis is macht” is een uitspraak van hem. In de utopische roman New Atlantis (1624) beschrijft hij de nieuwe wetenschappen waarbij de passage “Wee have also Sound-Houses” een visioen lijkt te zijn van een opname studio uit de jaren 50 van de vorige eeuw: de Sound-Houses zijn audiostudio’s, werkplaatsen (of ateliers) waar geluidskunst wordt gemaakt en geluidskunstenaars schilderen met geluid.

HSTKN

0 Inleiding

1 The man who heard his paintbox hiss

2 Telharmonium

3 Intonarumori

4 Interbellum

5 Verenigde Staten

6 Japan

7 Europa (7.1 Frankrijk/7.2 Nederland/7.3 Groot-Brittannië/7.4 Duitsland)

8 Synthesizer

9 Low Art (9.1 Krautrock/9.2 Glamrock/9.3 Minimal/9.4 New Wave)

10 Conclusies

11 Bronnen (11.1 Boek/11.2Pdf/11.3 Net/11.4 Audio/11.5 Video/11.6 Foto/11.7 Lessen)

12 Bijlagen (12.1 Begrippenlijst/12.2 Makers/12.3 Partituren/12.4 Audio)

13 Voetnoten

 

0. Inleiding

“Muziek is een vorm van intermenselijke communicatie waarbij menselijk georganiseerde onuitgesproken patronen worden waargenomen en ervaren als een emotionele of lichamelijke betekenis.” (Music: a working definition, short definition uit A Short Prehistory of Western Music. (Provisional course material, W310 degree course). Philip Tagg (2002) Institute of Popular Music, University of Liverpool)

Mijn fascinatie gaat al zover ik me kan herinneren uit naar audio en techniek. Audio staat voor “ik hoor” en omvat voor het menselijk gehoor een frequentiebereik van 20 Hz tot 20 kHz. Ook als we niets horen (stilte) is er geluid. Geluid staat voor de trillingen in de lucht waarbij elk geluid de potentie van muziek heeft. Muziek is een bewuste ordening van geluid met het vermogen om kleuren en beelden op te roepen. Geluidskunst is in staat muziek naar een hoger plan te tillen, waarbij de maker audiotechniek als eenzelfde soort gereedschap inzet zoals een schilder kwasten en verf hanteert. De ideale drager is radio, het meest onderschatte medium van nu. Het kost praktisch niets en wanneer er radiostilte zou zijn is er echt iets aan de hand.

Het aanduiden van verschillen tussen de hogere en lagere vormen van muziek en geluidskunst is subjectief en afhankelijk van de tijdsgeest. Bovendien is muziek een globale beleving en heeft het in iedere cultuur een andere betekenis. Het kan ook dienen als een bindmiddel. Zoals de Westerse jongerencultuur die zich, sinds de jaren 50 van de vorige eeuw, afzet tegen conservatieve politiek door middel van populaire muziek. Vervolgens wordt de subcultuur steeds vercommercialiseerd zodat de behoefte aan subculturen constant blijft. Het Situationisme beschrijft dat elke generatie leeft in een door de vorige generatie vormgegeven maatschappij. Iedere generatie zal zich steeds verzetten. Voorbeelden zijn bewegingen als de kunststroming Fluxus en de muziekstroming Punk.

Audiokunst gebruikt een universele taal en maakt zich, aangestuurd door en parallel aan nieuwe ontdekkingen, los van de bestaande kaders. Volgens John Cage heeft elk geluid een muzikale aantrekkingskracht, als het maar vaak genoeg herhaald wordt. Geluidskunst verwerpt de notenbalk en gebruikt grafische elementen vaak zonder een vaststaande betekenis. Het laat experimenten en ruis toe aan de nieuw geboden mogelijkheden van elektronische instrumenten. Vanaf de jaren 50 waren dat vooral radio, tape en synthesizers.

Dit schrijven (met hyperlinks) behandelt de geschiedenis van muziek, of beter zoals de definitie van Edgard Varèse, georganiseerd geluid, in het Westen van de vorige eeuw, van industriële revolutie tot Industrial en gemarkeerd door twee Wereldoorlogen.

1. The man who heard his paintbox hiss

Muziek is de oudste taal en, volgens het boeddhisme, het begin en het einde van het universum (volgens Yüeh-shu, boek over muziek uit 150 na Chr.). Klankschalen worden in Tibet al minstens 4400 jaar gebruikt. Abstract geluid is volgens Hazrat Inayat Khan (1922) overal (The Teaching of Hazrat Inayat KhanVol. 2, The Mysticism of Sound, Abstract Sound). De vibraties van dit geluid zijn te verfijnd om hoorbaar of zichtbaar te zijn. Voor de ogen is het al moeilijk om de vorm en de kleur van de etherische vibraties op de uiterlijke leefsfeer te zien.

Wassily Kandinsky beschrijft in zijn boek “Über das Geistige in der Kunst” (1912) dat kleur en klank de menselijke ziel raken. Abstractie laat delen van de geestelijke immateriële wereld toe.

240-onwards-pl-4-kandkinsky

Afbeelding 3: Wassily Kandinsky (1911) “Impressions III (Concert)”

“Aanvankelijk was het de wens van Wassily Kandinsky om muzikant te worden, uiteindelijk werd hij dat ook in zijn schilderkunst. Hij werd veel meer een mysticus die, zoals vele Duitse collega’s uit zijn tijd (Der Blaue Reiter) de waarden van de wetenschap en vooruitgang verwierp. Hij streefde naar een wedergeboorte van de wereld door een nieuwe kunst van zuivere innerlijkheid te scheppen. Door een soort verantwoording te schrijven vond hij de moed om Kleurmuziek te maken. Op deze manier kon hij contact van geest tot geest tot stand brengen. Hij maakte abstracte kunst voor een nieuwe tijd. Dit maakte hem tot een vrije profeet van het tijdperk van de ware vrijmaking van de geest: onze tijd. Als we doordringen tot de wortels van angsten en twijfels kunnen we radicaal veranderen, wetende dat verandering de enige constante is. Een nieuwe wereld is, zoals de mystici altijd al verkondigden, een nieuwe geest” (Robert de Vaan “Spirituele interactie” (1992), scriptie Wassily Kandinsky)

Wassily Kandinsky heeft veel betekend voor het abstraheren van de schilder en geluidskunst waarin hij probeerde de bestaande barrières op te heffen. Aan de basis lag zijn aanleg voor synesthesie (vorm van beeldspraak waarbij de zintuiglijke effecten van objecten verwisseld of gemengd worden, zoals schreeuwende kleuren, onwelriekende woorden, een diepe stem) bron: Jan de Jong Syllabus Literaire Begrippen http://www.fontys.nl/lerarenopleiding/tilburg/nede), als kind hoorde hij een sissend geluid als hij kleuren uit zijn verfdoos mengde (The Telegraph headline voor verslag van expositie “Kandinski: The Path to Abstraction, 1908-1922”plaatsvond in 2006 in Tate Modern (http://www.telegraph.co.uk/culture/art/3653012/The-man-whoheard-his-paintbox-hiss.html) die Hij beschreef later dat hij de kleuren van klanken in geest voor zich had gezien en inspiratie voor zijn abstracte werk had gevonden in een opera van Richard Wagner. Met “Der Ring des Nibelungen” doorbreekt de componist de bestaande conventies, door muziek los van de tekst te halen verbijsterd hij de bezoekers.

Wanneer Wassily Kandinsky en Arnold Schönberg elkaar ontmoeten heeft dat een grote betekenis in de relatie tussen schilderkunst en geluidskunst. “De muziek van Schönberg voert ons binnen in een nieuw rijk, waar de muzikale belevenissen niet akoestisch zijn maar puur geestelijk. Hier begint de toekomstmuziek” (Wassily Kandinsky in Über das Geistige in der Kunst (1912) schrijft hij.

Arnold Schönberg heeft een belangrijke rol in het loslaten van de traditionele waarden van de toon. Hij stelt dat valse noten niet bestaan en emancipeert daarmee de dissonant. In de reeksen van twaalf tonen wordt de grondtoon bepalend (een A was bijvoorbeeld afhankelijk van de set noten eromheen). Naast de Dodecafonie laat hij in Sprechgesang de sopraan een techniek aanwenden die tussen spreken en zingen in zit. Het “hysterisch zingen” verklaarde hij met “Kunst wist der Notschrei jener, die an sich das Schicksal der Menschheit ereben”(kunst is de schreeuw van de levenden over het ; lot van de mensheid). Kunst is expressie en moet niet het reeds bekende weergeven (Bron: Center for Studies on New Religions: http://www.cesnur.org/2002/bauer.htm).

In Wenen moesten ze niet veel van zijn expressionisme hebben en werd hij overal uitgefloten. Succes volgde op het moment dat hij naar Berlijn, stad van de Avant Garde, verhuisde.

355bdab5f56944fc2bd82cee29aedd1c

Afbeelding 4: Arnold Schönberg Pierrot Lunaire

2. Telharmonium

De geschiedenis van het eerste elektronische instrument begint in 1876. In zijn zoektocht naar het verbeteren van de elektronische telegraaf vindt Alexander Graham Bell de telefoon uit. Vanaf nu kan geluid worden omgezet in elektronische signalen. Een jaar later is er de fonograaf, de directe voorloper van de draaitafel, uitgevonden door Thomas Edison. In 1899 ontstond The Singing Arc als natuurkundige William Duddell de opdracht krijgt om in Londen de elektrische straatverlichting, die een fluittoon produceerde, te onderzoeken. Door een inductiespoel (winding van koperdraad dat een magnetisch veld opwekt) en een condensator (twee afgeschermde geleiders in een component dat elektrische lading kan opslaan) parallel aan de lamp te bevestigen fungeerde de lamp als een elektrostatische speaker. Door waarden te veranderen kon hij de trillingen beïnvloeden.

De bevindingen leiden tot de ontdekking van elektronische versterking en verzwakking, een principe dat vrij snel daarna werd toegepast in het Telharmonium van Thaddeus Cahill (Friedrich Trautwein gebruikte later vacuüm buizen in zijn door Telefunken geproduceerde Trautonium)

Vier handen aan het keyboard zette het 200 ton wegende instrument met 145 wat resulteerde in een rijker geluid. Partituren kwamen onder andere van Oskar Sala motoren van 200 pk dynamo’s in beweging. Vanwege de omvang zat een tournee er niet in. Thaddeus Cahill vond een manier om, met een kleine aanpassing op de Bell telefoons, de muziek over de telefoonlijnen te verspreiden. Vanwege storingen die ontstonden op de lijnen van commerciële telefoondiensten werd al snel de stekker uit het project gehaald.

switchboard-tone-makers-630

Afbeelding 5: Telharmonium

De komst van het Telharmonium inspireerde componist Ferruccio Busoni tot het schrijven van “Schets voor een nieuwe esthetiek voor muziek” (1907) (werk dat onder andere ook Arnold Schönberg beïnvloedde). Hij voorziet een toekomst met volledig elektronische instrumenten wanneer hij zich afvraagt in welke richting de volgende stap op weg naar een abstract geluid met een oneindige toonhoogte zal zijn, ongehinderd door techniek? (Vrij vertaald naar Ferruccio Busoni “Schets voor een nieuwe esthetiek voor muziek”).

Het invloedrijke werk initieerde de Futuristische stroming en zette verschillende kunstenaars aan tot het produceren van elektronische instrumenten waaronder de Elektrophon, Kurbelsphäraphon en de Sphaerophon van Jörg Mager.

3. Intonarumori

Net als Schönberg zochten de Italiaanse Futuristen naar het onbekende. Ze veegden de vloer aan met de traditionele waarden van de kunst, de nieuwe verworvenheden moeten worden gebruikt om kunst van zijn burgerlijkheid te ontdoen. De vooruitgang door de machines in de industriële revolutie zijn de aanjager van deze stroming. De toekomst begint in 1909 wanneer Filippo Tomasso Marinetti in zijn het eerste Futuristische manifest oproept tot een antropologisch project met een nieuwe visie op de mens in een veranderde wereld met technologie, machines en snelheid. Componist Francesco Balilla Pratella schrijft een jaar later in zijn “Manifest van de Futuristische musicus” dat het futurisme overslaat op andere kunsten. “Muziek moet mensenmassa’s, fabrieken, treinen, boten, auto’s en vliegtuigen vertegenwoordigen. Het domein van machines en elektriciteit moet worden toegevoegd aan het centrale thema van de poëzie” (Vrij vertaald naar Francesco Balilla Pratella “Manifest van de Futuristische musicus”)

Het andere geluid wordt beschreven in het manifest “De kunst van lawaai” (L’arte dei rumori). Luigi Russolo verdeelt geluid in zes categorieën (1 brullen, klappen, vallend water, rijgeluiden, blaasbalgen, loeien, 2 fluiten, snurken, snuiven, 3 fluisteren, mompelen, ritselen, mopperen, knorren, brommen, gorgelen, 4 scherpe geluiden: snerpen, scheuren, rinkelen, mixen, kraken, zoemen, schuiven, 5 percussie geluiden: metaal, hout, steen, klei 6 dierlijke en menselijke geluiden: stemmen, schreeuwen, kreunen, kermen, roepen, lachen, rochelen, snikken) en beschrijft de akoestische geschiedenis van stilte naar geluid, van geluid naar ruis en van ruis naar lawaai. Er breekt een stadium aan waarin de motoren en machines van de industriële steden op elkaar afgestemd zullen worden en elke fabriek een orkest vormt.

Hij bouwt zijn atelier om tot een werkplaats voor elektronische geluidsexperimenten en gaat op zoek naar een middel dat lawaai (rumori) op ander lawaai kan afstemmen (intona). Intonarumori geven uitdrukking aan de wens om met rumoer muziek te maken en daarmee te emanciperen. ( In 1992 maakte Dick Raaijmakers in de V2 (Instituut voor instabiele media) met “Intona” een eerbetoon aan de instrumenten door een installatie van drie Ideophonen te maken waarin microfoon de hoofdrol spelen).

De instrumenten bestonden uit een klankkast van hout met een hoorn als speaker aan de voorzijde. De toonhoogte werd bepaald door een op de bovenzijde geplaatste hefboom te bewegen waaraan een stalen snaar bevestigd was. De vibraties van de snaar werden omgezet in een elektronisch signaal en doorgegeven aan de luidspreker. Hij presenteert het prototype drie maanden na de publicatie van zijn manifest in Modena en maakt 27 verschillende Intonarumori, die de namen meekregen van het geluid dat ze voortbrachten zoals huilen, donder en explosie. Later brengt hij deze bijeen in de Russolofono, een elektronisch instrument met een toetsenbord dat samples van individuele intonarumori kan combineren.

Provocatieve optredens die volgden in Parijs en Londen werden bezocht door Erik Satie en Edgard Varèse. En hoewel hij in zijn tijd geen volle zalen trok is hij in staat gebleken om een grote vernieuwing in de muziek in te leiden door middel van zijn zoektocht naar nieuwe geluiden en de betekenis ervan.

intonarumori545

Afbeelding 6: Luigi Russolo en Piatti met Intonarumori

Luigi Russolo slaagde erin een aantal van zijn theorieën in praktijk te brengen (zie ook referaat Toekomstmuziek). Bij de bijzondere muzikale experimenten worden de nieuwe geluiden van de moderne wereld gereproduceerd en toegevoegd aan de bestaande. Composities als “Convegno delle automobile e degli aeroplani” (Ontmoeting van auto’s en vliegtuigen), “Si pranza sulla terrazza dell’hotel” (Er wordt ontbeten op het hotelterras) en Veglio Di Una Città (het ontwaken van een stad) stonden ver af van het gangbare en ook als we nu voor het eerst met onze 21e eeuwse oren naar luisteren weten we waarom het revolutionair was of eigenlijk: nog steeds is.

Het Futuristische beeld van Luigi Russolo op het stadsleven kreeg meerdere vervolgen zoals in de hoopvolle dagen van het communisme in de jonge Sovjet-Unie. In 1920 werd “Symfonie van Fabriek sirenes” uitgevoerd door Arseny Avraamov (Film was in de Sovjet-Unie een populair medium voor propaganda doeleinden en componist Arseny Avraamov speelde later een rol in de ontwikkeling van optisch geluid. Door te tekenen langs een filmspoor kon film van audio worden voorzien. Hij ontdekte dat de hoeveelheid licht de geluidsversterking bepaald en de snelheid kon worden beïnvloed door de afstand van de film en de lamp te variëren).

Werk was mooi, en het zoetste geluid voor een arbeider was de georkestreerde harmonische eenklank van de sirenes die hem opriep. Zes jaar later doen instrumenten als deurbellen en propellers van vliegtuigen veel stof opwaaien in de soundtrack van de film “Ballet Mecanique” (1926) van George Antheil (een film van Fernand Leger).

avraamov

Afbeelding 7: Arseny Avraamov speelt symfonie vanaf het dak van een fabriek

4. Interbellum

Veel Futuristen keken uit naar een oorlog waarin alles werd schoongeveegd en bekochten dit verlangen met hun dood. Deceptie, angst en onvrede beheersten het leven en de gedachte dat de wetenschap alles kon oplossen, was verdwenen. De technische vooruitgang was gebruikt om te vernietigen in plaats van te scheppen.

Tijdens de 20 jaar durende wapenstilstand werd vooral buiten Europa elektronische apparatuur ontwikkeld en gemodificeerd voor andere doeleinden (zoals (anti) oorlogsmachines). Een van de belangrijkste ontdekkingen komt voort uit een onderzoek naar gedrag van elektronen. Atomen zijn steeds in beweging waardoor energie kan worden overgedragen. Door verhitting van een pool in een vacuüm buis kan worden geschakeld volgens Ambrose Fleming. Lee de Forest ontdekt daarin de mogelijkheden om geluid over te dragen en te versterken. Later ontwerpt hij de eerste toongenerator die de basis zal vormen van vele elektronische instrumenten. De miniaturisering van elektromechanica naar elektronica is een feit.

In 1920 wordt in de Londense Westminster Abbey de eerste opname met een condensator microfoon gemaakt tijdens de uitvaart van de onbekende soldaat. Het signaal afkomstig van een condensator microfoon is versterkt in vergelijking met een dynamische (Een dynamische microfoon werkt als een omgekeerde speaker waarin geluidsgolven in magnetische signalen worden omgezet. In een condensator microfoon zorgen geluidsgolven voor spanning tussen twee membranen (vliesjes) en is daardoor veel gevoeliger).

Het eerste praktische elektronische instrument en oudste directe voorganger van de Synthesizer is de Theramin (ook Etherophone en Therominovox) uit 1919 van Leon Theramin. Het elektronische instrument uit Leningrad bevat geen mechanica en werd afgeleid van een elektrisch alarm. Het bestaat uit twee oscillatoren die te variëren zijn via inductie. Handen fungeren als magneten tussen de twee polen waarbij de afstanden de toonhoogte en het volume bepalen. Het is een van de weinige instrumenten die niet op basis van aanraking werkt. Joseph Schillinger componeerde in de jaren 20 verschillende composities voor het instrument zoals “First Airphonic Suite for RCA theremin and Orchestra”. In 1932 bewijst Clara Rockmore met haar uitvoering van Valse Sentimentale van Tchaikovsky dat de Theramin dezelfde emotie kan oproepen als een viool. Het instrument wordt gebruikt in veel films zoals Spellbound (1945) van Alfred Hitchcock, The day the earth stood still (1951) van Robert Wise en series zoals Midsommer murders (vanaf 1997) van Jeremy Silberston en anderen.

theremin1

Afbeelding 8: Clara Rockmore (1932) bespeelt een Theramin

In Frankrijk presenteerde telegrafist Maurice Martenot in 1928 de Ondes Martenot. Het instrument heeft een toetsenbord en schakelaars waarmee klankkleur en karakter eenvoudig kan worden aangepast. Het geluid van de twee oscillatoren kan over vier speakers met verschillende eigenschappen worden weergegeven. Naast de normale luidspreker, is er een met vertraging, een met snaren en een met gaas ervoor.

Een groot aandeel in het succes kwam voort uit L’Ecole d’Art Martenot, een opleiding speciaal opgericht voor het instrument. De Ondes Martenot vond tot in de jaren 60 een vaste plaats in de studio’s van geluidskunstenaars. De werking van het Hammond orgel uit 1935 van Laurens Hammond is gebaseerd op het Telharmonium: door tandwielen langs een magneet te laten lopen worden wisselspanningen opgewekt met een bepaalde frequentie. In eerste instantie werden ze vooral in kerken geplaatst (nadat Jimmy Smith en Karlheinz Stockhausen gaan experimenteren kwamen andere kwaliteiten aan het licht).

De Britten hadden platenmaatschappij Decca de opdracht gegeven om de weergave van 78 toeren platen te verbeteren na de laatste upgrade uit 1924 (Omdat de master (het origineel) vanaf dat moment elektronisch vervaardigd kon worden werd het volume verhoogd en de bas weergave verbeterd). Voor trainingsdoeleinden diende het frequentiebereik te worden aangepast om onderscheid te kunnen maken tussen de geluiden van verschillende onderzeeboten. Door gebruik te maken van vinyl met microgroeven klinken elpee’s een heel stuk beter dan de bakelieten 78 toeren schijven.

Voor spionage, communicatie en propaganda doeleinden werd aan de Duitse zijde gewerkt aan de ontwikkeling van tape. Magnetische recorders kunnen geluidsgolven omzetten in elektrische signalen en deze vastleggen. De oerrecorder is de papierrecorder van Édouard-Léon Scott de Martinville waarvan de oudst bekende opname “Au Clair de la Lune” (1860) is.

Oberlin Smith in bedacht in 1888 de eerste magnetische recorder door katoen met stalen stofdelen te impregneren. Toch bleef deze techniek lang ongebruikt. De Telegraphone van de Deen Valdemar Poulsen gebruikte staaldraad als medium en een telefoon van Bell om de magnetische ladingen om te zetten. Geluid was te monteren door knopen te leggen in het staaldraad. Vanwege de kleine bandbreedte en grote hoeveelheid ruis was deze staaldraad recorder ongeschikt voor muziek. In 1927 werd de draad van deze recorder opgepakt door Kurt Stille die ontdekte dat een recorder beter af te regelen was wanneer voor de mens onhoorbare frequenties werden toegevoegd. De rechten van zijn staaldraadrecorders met ruis-onderdrukking verkocht hij aan de Marconi Company (Engels telecombedrijf opgericht door Guglielmo Marconi, uitvinder van radio). De Marconi-Stille staaldraad recorders werden tot in de jaren 50 onder andere door de BBC gebruikt.

marconi_stille_4

Afbeelding 9: Marconi-Stille Recorder (1936) bij de BBC

Voortbordurend op de magnetische recorder van Oberlin Smith ontwikkelde Fritz Pfleumer de Magnetophone K1 die door AEG na de Internationale Funkausstellung in Berlijn in productie wordt genomen. De tape loopt in constante snelheid langs koppen die oxide deeltjes op een dunne laag kunststof kunnen magnetiseren en demagnetiseren (via de magneten in de opname en de wis kop). De signaal-ruisverhouding, het volume en de mogelijkheden om te mixen en te filteren werden aanzienlijk verbeterd. Dit was goed nieuws voor de geluidskunst omdat het materiaal zich gemakkelijk laat verwerken. Tape is net als film uit plastic vervaardigd (film was vaker belangrijk geweest voor ontwikkeling van audio apparatuur: James en John Whitney ontdekten dat een slinger van een pendulum in een projector ook geschikt was om geluid te produceren. De slinger zorgt naast de variatie van de intensiteit van het licht voor het geluid ook voor een visuele interpretaties van de compositie. Rudolf Pfenninger tekende in “Tönende Handschrift” het stuk “Lago” van George Frideric Handel langs de film op. Bauhaus ontwerper Laszlo Moholy-Nagy gebruikte deze techniek voor zijn theaterproducties, waarin hij projecties en geluidsversterking gebruikte). Met weinig voorkennis kan er worden opgenomen, geknipt en geplakt. Daarnaast kan geluid worden gemanipuleerd door, vooruit of achterstevoren, te vertragen of te versnellen. Met basiskennis van muziek en elektronica kan de onbeperkte voorraad aan natuurlijke geluiden worden opgenomen en omgevormd tot geluiden die niet eerder hoorbaar waren. Tape werd daardoor niet alleen een belangrijk middel om georganiseerd geluid vast te leggen maar ook gezien als een instrument op zich. Het werd verwelkomd door technici en geluidskunstenaars die elkaar vonden in studio’s van radiozenders (Italië, Frankrijk, Groot-Brittannië en Duitsland), academies (Verenigde Staten) en bedrijven (Japan, Nederland).

5. Verenigde Staten

Na de Tweede Wereldoorlog begint de Koude Oorlog (duurde tot 1989) waarin de Verenigde Staten en de Sovjet Unie de wereld verdelen in twee ideologisch tegengestelde machtsblokken. Het centrum van de wereldmacht verplaatst zich naar de VS (ook het centrum van de kunsten verplaats zich naar de VS omdat vele kunstenaars emigreren). Hier worden in tijd van vrede wapens gemaakt en voor de VS lucratieve overeenkomsten gesloten met de bevrijde Europese landen in het ERP (European Recovery Plan). Er ontstaat een ongekende economische bloei omdat er veel geïnvesteerd moest worden in Europa dat in puin ligt. Dat zorgt voor grote vooruitgang in verschillende technieken en de Verenigde Staten worden het toonbeeld van het kapitalisme en massaproductie.

Ook de artistieke rijkdom wordt veel groter vanwege de vele naar Amerika geëmigreerde kunstenaars. Het centrum van de kunsten bevind zich niet langer in Parijs en onderzoeken, zoals experimenten met georganiseerd geluid, vinden plaats in de goed geoutilleerde studio’s van de academies.

John Cage (Zie ook de uitvoering van Water Walk in de tv show I’ve got a secret (1960): http://blog.wfmu.org/freeform/2007/04/john_cage_on_a_.html/) is de grootste exponent van de nieuwe muziek van voor en na de Tweede Wereldoorlog. Hij was geïnspireerd door Luigi Russolo en werd later zelf inspiratiebron voor componisten als Karlheinz Stockhausen. In 1937 schreef hij “The Future of Music: Credo” waarin hij voorspelde dat een nieuwe manier van componeren aanstaande was. Door te werken met elektronische apparatuur zal de componist volledige controle over zijn werk krijgen. Er zal een moment komen waarop het mogelijk is om alle bestaande geluiden te reproduceren. Als we stilte willen creëren blijkt dat we niet bang hoeven te zijn voor toekomst van muziek: er is geen stilte maar altijd geluid. Zijn definitie van muziek is dan ook “organisatie van geluid, inclusief stilte”. Elk geluid had volgens hem een muzikale aantrekkingskracht als het maar vaak genoeg herhaald wordt.

johncage

Afbeelding 10: John Cage (1952) “4’33”

Als een van de eerste (Milhoud en Hindemith waren hem voor in de jaren 20) kunstenaars maakte hij gebruik van platenspelers als instrument. De term turntablism bestond nog niet wanneer hij Imaginairy Landscape No.1 in 1939 uitbrengt. De compositie bestaat uit opnames van oscillatoren die op verschillende snelheden worden afgespeeld.

Na in Europa kennis te hebben gemaakt met moderne muziek gaat hij via Henry Cowell in de leer bij Arnold Schönberg. Hij raakt bekend met het twaalf tonen systeem en krijgt de kritiek dat hij geen gevoel voor harmonie heeft. Kritisch denker Max Weber (Grondlegger van de sociologie) inspireert hem om anders tegen de kunst aan te kijken. De composities die volgden zijn vrij van een logisch ritme en melodie, zoals “Prepaired Piano” waarvoor hij schroeven en moeren bevestigd aan de snaren van een piano.

Harmonie vind hij in Oosterse filosofie (In de Oosterse filosofie is er geen scheiding tussen religie en filosofie). I Ching (Oosters Systeem van kosmologie en filosofie met als doel evenwicht in tegenstellingen te vinden) vormt de basis van zijn “Lecture on Nothing” dat nergens over gaat en daardoor een statement is omdat westerlingen alleen geïnteresseerd zijn wanneer er wat te halen valt (zie ook “I have nothing to say and I’m saying it…”: John Cage Defined in the 1950s (2004) Joe Dacey: http://universityhonors.umd.edu/HONR269J/projects/dacey.html).

In datzelfde licht is “4’33” te plaatsen waarvan de eerste uitvoering op straat plaatsvond. De uitvoering van deze compositie is in zijn geheel afhankelijk van de omgeving omdat het gaat over de stilte die niet bestaat omdat er altijd muziek klinkt. Hoewel het in zijn bedoeling lag om de kloof tussen toeschouwer en geluidskunst te verkleinen kreeg hij veel kritiek. Veel publiek liep woedend weg (stated his case) en droeg daarmee bij aan de uitvoering.

6. Japan

Vrijwel direct na de Tweede Wereldoorlog komt de ultieme compositie (in meest negatieve zin) van Luigi Russolo op de radio wanneer een test met een atoombom in de Stille Zuidzee wordt uitgezonden. Japan, dat getroffen werd door twee atoombommen in augustus 1945, vond zichzelf opnieuw uit. De dictatoriale politiestaat van de Keizer maakte plaats voor democratisch kapitalisme, en nationalisme verdween ook uit het onderwijs. Voor de Amerikanen is Japan een strategisch gelegen platform voor de Koude Oorlog en de oorlog met Korea. Japanse bedrijven floreerden vanwege de dollars die met deze oorlogen gemoeid zijn en elektronicaconcerns maakten op de ontwikkelingsafdelingen ruimte om te experimenteren met audio.

Het land kreeg een nieuw elan en werd voor vele naoorlogse kunstenaars een inspiratiebron. Westerse componisten reisden naar het Oosten en beïnvloeden op hun beurt de Japanners en zorgden voor een globale ontwikkeling van de (geluids)kunst na de oorlog.

sonygrecordersbuilt

Afbeelding 11: Sony (1950) G-Type productie

Na de oprichting van Sony in 1945 schreven componisten Toru Takemitsu en Minao Shibata over “Gutai ongaku” (Bron: http://cnmat.berkeley.edu/user/miki_kaneda/blog/2007/12/20/ electroacoustic_music_japan_persistence_diy_model) een handvest over het toepassen van elektronica in de muziek. Aanleiding was de ontwikkeling van de G-Type, de eerste Japanse tape recorder. Rond 1950 werd hiervoor een studio opgericht waar kon worden geëxperimenteerd. In de NHK (Nippon Hoso Kyoku) studio componeerde Jikken Kobo “X, Y, Z” (1953) en daarmee de eerste Japanse elektronische muziek.

Het gebruik van tape kwam in Europa in een stroomversnelling doordat de nationale omroepen het medium gebruikte in hun radiostudio’s. Dit had een magnetische aantrekkingskracht op verschillende technici en componisten. Radio heeft een grote invloed (gehad) op de ontwikkelingen van nieuwe muziek. Het medium is goedkoop (nog steeds het goedkoopst), laagdrempelig en heeft een groot bereik. Deze voordelen maken het gemakkelijker om ruimte te bieden aan cultuur (ook populaire jongerencultuur) en experiment. Verschillende radiostudio’s verspreid over Europa veranderen in ateliers voor audio kunst.

7. Europa

In Europa vindt er polarisering plaats. De oude generatie grijpt conservatief terug naar oude zuilen met bijbehorende normen en waarden. De traditionele klassieke muziek herneemt zijn plaats in de concertzalen waar de jongere generatie zich niet meer thuis voelt. Jongerencultuur stond nog in de kinderschoenen en de nieuwe lichting componisten vond een podium op radio’s.

7.1 Frankrijk

Radioman Pierre Schaeffer was grondlegger van Musique Concrète. In “A la recherche d’une Musique Concrète” (1952) schrijft hij over een nieuwe stroming binnen de muziek waarin gebruik wordt gemaakt van concrete natuurlijke geluiden afkomstig uit de natuur of stad (het boek werd later uitgewerkt tot “Traité des objets musicaux”).

Naast de alledaagse geluiden, die Luigi Russolo ook als startpunt gebruikte, worden instrumenten gebruikt, niet om klank en lawaai tegenover elkaar uit te spelen, maar juist te zoeken naar een synthese tussen ruis en muziek. Natuurlijke geluiden worden gemanipuleerd met de mogelijkheden die in de studio voorhanden zijn. De elektroakoestische (De elektronische bron van het geluid is onzichtbaar en onduidelijk) stukken konden als basis dienen voor improvisatie en worden nabewerkt met filters en oscillatoren. De geluidskunstenaar heeft daardoor controle over het hele proces omdat er niemand anders aan te pas hoeft te komen.

phonogene

Afbeelding 12: Pierre Schaeffer (1953) met Photogene

Pierre Schaeffer zond in 1948 op de RTF radio “Etude aux Chemins de Fer” uit. In de vertellende compositie zijn geluiden van treinen en stations gemonteerd. Het grote publiek liep niet warm voor het stuk van Pierre Schaeffer maar de Studio d’Essai kreeg bewondering van kunstkenners en had een magnetische aantrekkingskracht op componisten. Met de klassiek geschoolde Pierre Henry had hij een tien jaar durend samenwerkingsverband. Het geluid werd steeds muzikaler, zoals het bij ballet geliefde “Symphonie pour un homme seul”, waarbij voor het eerst tape werd gebruikt (“Variations Sur une Flute Mexicaine” en “Orphee 51” zijn andere gezamenlijke composities ).

Verschillende apparatuur werd door Jacques Poulin en Abraham Moles gemodificeerd tot Phonogène (om tape loops te versnellen en vertragen) en Mophophone (een recorder met twaalf weergavekoppen waardoor meervoudige terugkoppeling kan ontstaan). De studio kreeg later ook een grote rol in het geluid bij experimentele filmproducties en werd een onderdeel van het audiovisuele onderwijs in Parijs (vrij naar: http://www.allmusic.com/artist/pierre-schaeffer-p3058/biography)

Iannis Xenakis en Edgard Varèse componeerden ook in de Franse studio. Edgard Varèse had Ferruccio Busoni ontmoet op het moment dat deze “Schets voor een nieuwe esthetiek van muziek” (1907) schreef. In zijn zoektocht naar een andere definitie van muziek vond hij de term georganiseerd geluid. De definitie geeft muziek weer als een domein in de kunsten waarin het meer over klankkleur dan over ritme gaat. Edgard Varèse is de Igor Stravinsky van de Avant Garde die meegaat in verschillende stijlen en stromingen. Hij componeerde voor verschillende instrumenten zoals de Ondes Martenot en de Theramin. Met “Déserts” (1954) maakt hij Musique Concrète. De titel verwijst niet alleen naar een fysieke woestijn maar ook naar de innerlijke leegte. Iannis Xenakis maakt minder rustige composities met snijdende ritmes.

7.2 Nederland

Vier jaar later worden Iannis Xenakis en Edgard Varèse met filmmaker Philippe Agostini benaderd door architect Le Corbusier(Oorspronkelijke naam Charles-Édouard Jeanneret-Gris) voor de wereldtentoonstelling in Brussel.

Philips had deze expo aangegrepen om de nieuwe verworvenheden van de bedrijfsonderdelen licht, geluid en beeld aan de bezoekers te presenteren. Het bedrijf had ver voor Musique Concrète de Philips-Miller recorder52 ontwikkeld. Het apparaat dat patronen kraste in een kunststof film van Gevaert werd geen succes (Filmstudio’s bleven vasthouden aan fotografische geluidsregistratie, de apparatuur werd vooral verkocht aan geluidsstudio’s waaronder die in Hilversum).

philips3

Afbeelding 13: Philips (1958) Paviljoen op Wereldtentoonstelling

“Le Poème électronique” werd het eerste multi media project waarin architectonische ruimte en elektronische noviteiten samenvielen. Twee miljoen mensen beleefden het spektakel op de wereldtentoonstelling van 1958 in Brussel, dat meer dan 50 jaar later nog vooruitstrevend is te noemen (Er zijn geruime tijd plannen om dit paviljoen opnieuw op te bouwen en binnenkort gaat dat, mits er fondsen zijn, ook gebeuren op Strijp S in Eindhoven).

Het paviljoen zelf en de audiovisuele presentatie werden door de kunstenaars in het Natuurkundig Laboratorium van Philips te Eindhoven ontworpen. Het verblijf van de vier bleef niet zonder gevolgen. Er werd een studio ingericht voor elektronische muziek door Roelof Vermeulen waar geluidspionier Henk Badings aan de slag ging. Hij maakte vele composities met weinig middelen in een korte tijd. Technicus Dick Raaijmakers (ook bekend onder pseudoniemen Natlab Dik en Kid Baltan) bracht met Tom Disseveld “Song of the second moon” uit voordat Philips in 1960 afstand deed van de studio die verplaatst werd naar Utrecht en nu als Institute of Sonology door het leven gaat.

7.3 Groot-Brittannië

In Groot-Brittannië wordt met The Third Program de eerste Europese cultuurzender opgericht. Mede ten behoeve hiervan geeft de BBC in 1958 een groep medewerkers (Daphne Osram, Desmond Briscoe, Dick Mills en Brian Hodgson) toestemming om in Londen de Radiophonic Workshop in te richten voor Musique Concrète. De apparatuur bestond uit afgedankte tape recorders, oude test apparatuur zoals 12 oscillatoren en een Wobbulator voor ruimtelijke geluiden (later ook door Nam June Pike gebruikt). Initiatiefneemster Daphne Osram moest vrij snel het veld ruimen omdat werken in deze studio slecht voor de geestelijke gezondheid zou zijn. Ze begon voor zichzelf in Kent met de Oramics Studios for Electronic Composition. Maddalena

Fagandini nam haar plaats in en startte met George Martin het project Ray Cathode. In 1962 componeerden ze de single “Time beat” met de B-kant “Walz in Orbit.” Omdat de BBC “Time beat” speelde bij storingen op televisie (en die waren er vaak in die tijd) werd het een bescheiden hit. George Martin was producer bij Parlophone (onderdeel van plantenmaatschappij EMI) en had The Beatles onder zijn hoede. De invloed van de Workshop op The Beatles is hoorbaar op singles als “Rain” en “Tomorrow never knows” waarop gebruik is gemaakt van tape effecten.

delia-rws-1965

Afbeelding 14: Delia Derbyshire (1965) in The Radiophonic Workshop

Met de komst van Delia Derbyshire breekt er de experimentele fase aan. De studie aan Cambridge (Muziek en Wiskunde) was een goede basis voor haar speurtocht in georganiseerd geluid (In 2001 schreef Brian Hodgson over haar: “One night many years ago, as we left Zinovieff’s studio, she paused on Putney Bridge. ‘What we are doing now is not important for itself,’ she said, ‘but one day someone might be interested enough to carry things forwards and create something wonderful on these foundations”).

Ze is onder andere de maker van de Doctor Who tune, een science fiction serie die oorspronkelijk maar 6 aflevering zou bevatten maar nog steeds loopt (haar invloed is bijvoorbeeld te horen op “One of these days” van Pink Floyd (op 3:05) en bij verschillende nummers van Gorilla).  Verder maakte ze onder andere “Blue Veils and golden sands”(ambient muziek ver voordat de term bestond), “Ziwzhi Ziwzhi oo-oo-oo-oo” (Praise to the master (terug uit afgespeeld) en “Love without sound”. In de underground bands Unit Delta  Plus en White Noise speelt ze samen met Brian Hodgson (componeerde het geluid van de Tardis in Doctor Who), Peter Zinovieff en David Vorhaus.

Naast The Third Program en jeugdseries (kinderen die dus voor de tv wegduikend achter de bank naar Musique Concrète luisterden) waren de composities te horen in veel low budget tunes van locale BBC zenders. Het grote experimenteren verdween met de komst van de Synthesizer en het verlaten van tape adepten als John Baker en Delia Derbyshire. In de jaren 70 werd het een jingle fabriek en tegen het einde van het bestaan van de Workshop werd er ruis weggehaald van opnamen in plaats van er toe te voegen (vrij naar: http://www.soundonsound.com/sos/apr08/articles/radiophonic.htm en BBC 4 documentaire “Alchemists of sound”).

7.4 Duitsland

Het startpunt van de Elektronische Musik in Duitsland ontstaat in Darmstadt waar Wolfgang Steinecke de “Ferienkurse für Neue Musik”(Zomerschool voor nieuwe muziek) opricht. Hij is van mening dat het land niet alleen materieel maar ook cultureel moet worden herbouwd. Het jaarlijkse slotstuk, het muziekfestival Donaueschingen, heeft grote aantrekkingskracht op componisten (Arnold Schönberg, Edgard Varèse, Pierre Boulez, Bruno Moderna) en bezoekers die van over de hele wereld komen.

Een ander belangrijk gegeven was dat de nationale radio en tv zender door de geallieerden werd opgedeeld in verschillende regionale zenders. Hierop was veel ruimte om uit te zenden, ook voor muzikale experimenteren met internationale gasten die studeerden aan de Zomerschool.

De Elektronische musik is een collectieve stroming van technici en componisten en ze vinden elkaar in de Electronic Music Studio van WDR te Keulen. Studioleiders zijn Werner Meyer-Eppler, Robert Beyer en Herbert Eimert. Laatstgenoemde is bewonderaar van de twaalftonige muziek van Arnold Schönberg en schrijft in 1954: “Elektronische muziek opent de toegang tot nieuwe niet eerder bestaande klanken. De grondslag ligt in de toon ideeën van Ferruccio Busoni, de ideeën over klanken van Arnold Schönberg en de instrumenten van Jörg Mager.” Nu daar geluidsopname en bewerking op tape aan is toegevoegd heeft een componist de opdracht om de complexiteit van de nieuwe dimensies te doorgronden. Precisie is vereist in dit onderzoek naar de fundamentele technische en muzikale aspecten van elektronische muziek” (Vrij naar “Zur musikalischen Situation” van Herbert Eimert in 1954 in het huistijdschrift van de NDR).

wdr

Afbeelding 15: WDR (1952) Monochord van Friedrich Trautwein in Der Elektronische Musik Studio

De uitgangspunten van Elektronische musik zijn niet ruis en natuur maar natuurkundige verschijnselen als frequentie (hoe vaak), amplitude (hoe sterk) en duur (hoeveel tijd). De door elektronica gegenereerde muziek staat haaks op Musique Concrète dat bestond uit samples van geluiden met een natuurlijke oorspong.

Karlheinz Stockhausen wordt de belangrijkste exponent van de Elektronische musik. Hij studeerde aan de Musique Concrète opleiding van Pierre Schaeffer, waar hij Étude maakt, maar keert zich tegen de ideeën van zijn docent. Tijdens zijn studie leert hij Karel Goeyvaerts kennen en beiden zijn gefascineerd door de schoonheid van het maken van klankkleuren uit sinusvormen. Karel Goeyvaerts beschreef het belang van het vastleggen van de nieuwe soort partituren met als gevolg dat Karlheinz Stockhausen met “Elektronische Studie II” (1954) als eerste een partituur voor elektronische muziek optekent.

Doordat later toeval een grotere rol speelde werd het beschrijven zo goed als onmogelijk. Met Gottfried Michael Koenig haalde hij de Elektronische Musik uit het atelier door op tournee te gaan.

stockhausen_elektronische_studieii

Afbeelding 16: Karlheinz Stockhausen (1954) Elektronische Studie II

8. Synthesizer

In de Verenigde Staten ziet de eerste Synthesizer na tien jaar experimenteren het licht in de fabriek van RCA (Radio Corporation of America) en werd geplaatst in het Colombia-Princeton Electronic Music Centre in 1956. Het instrument wordt opgebouwd uit oscillatoren en een generator70 en is in staat om verschillende onderdelen van geluid elektronisch weer te geven (Een voltage gestuurde oscillator genereert vervormde geluidsgolven, een voltage controle filter bewerkt ruwe golfvormen door boventonen toe te voegen of te verwijderen voor de klankkleur, een voltage gestuurde versterker die voor versterking (amplitude) zorgt en een ADSR generator die de vorm van de klank bepaald en daarmee de plaatsing van het geluid). De geluidsgolven worden door de oscillatoren opgewekt en filters bepalen het aantal boventonen en de gewenste sterkte. Een synthesizer kan ook als een Theramin worden aangestuurd maar een keyboard is praktischer, met de toetsen kunnen ook de registers (envelopes) worden aangesproken.

De uitvinding van Harry Olsen en Hebert Belar was bedoeld om automatisch populaire muziek te genereren. Het instrument slaagde indirect in dit doel doordat verschillende componisten er commerciële muziek voor schreven. Robert Moog, die Theramin DIY (Do It Yourself) kits produceerde (nu nog), besloot de techniek verder te ontwikkelen en bedacht een circuit waarin het variëren van spanning in een oscillator via een transistor toonveranderingen teweeg kon brengen. De halfgeleiders kunnen met een kleine stroom schakelen en versterken. Buizen werden vervangen en een volgende miniaturisering vond plaats waarbij instrumenten ook goedkoper werden. Ook de modulariteit speelde hierbij een rol, optionele modules zoals ruisgeneratoren, stroomwisselaars, mengpanelen en sequencers konden los gekocht en vervoerd worden (een sequencer is een module die analoog of digitaal te programmeren is. De programma’s, die oproepbaar met elke snelheid en behoud van toonhoogte, maakt het mogelijk om zonder al te veel voorkennis synthesizer te kunnen spelen).

Walter Carlos (na 1967 Wendy) studeerde Electronic Music aan de Colombia-Princeton Universiteit Centre (Waar hij les kreeg van Vladimir Ussachevsky en Otto Luening) voordat hij betrokken raakte bij de ontwikkeling van de Moog Synthesizers. De elpee “Switched on Bach” werd volledig opgenomen met deze synthesizers. Puristen waren, in tegenstelling tot het grote publiek, geschokt door de interpretaties van de klassieke componist. Het markeerde de overgang van elektronische avant-garde naar commerciële populaire muziek. De soundtrack die hij in 1971 maakte voor “A Clockwork Orange” (zoals The Funeral of Queen Mary) van Stanley Kubrick had later in het decennium een grote impact op popmuzikanten. Hoewel Moog de standaard had gezet werd het instrument binnen tien jaar verdreven door goedkopere synthesizers van bedrijven uit Japan zoals Roland en Yamaha.

manning-moog

Afbeelding 17: Walter Carlos (1968) achter een Moog synthesizer

De introductie van de microprocessoren zorgden wederom voor meer mogelijkheden in kleinere behuizingen. Deze minimalisering zorgde ook weer voor nog kleinere en goedkopere instrumenten waardoor ze voor nog meer mensen bereikbaar werden. Analoog werd digitaal en oscillatoren en filters konden voortaan als schakelingen van transistoren en andere componenten in een IC (Integrated Circuit) worden gebakken. Computers (Eerste computer die zong (1961) IBM 7094 (ook in 2001 A space odyssey) Daisy bell: http://www.youtube.com/watch?v=41U78QP8nBk), ofwel schakelingen van programmeerbare IC’s kunnen meer processen tegelijkertijd aansturen. De steeds complexer wordende technieken hebben ertoe geleid dat het componeren programmeren werd. Muziek maken werd hierdoor abstracter en de componist diende voortaan ook het vak van de programmeerkunst te verstaan.

In de Verenigde Staten ontstaan ook de meest bijzondere muziekinstrumenten. Als een kruisbestuiving tussen het gedachtengoed van Luigi Russolo en de instrumenten van Robert Moog ontstaat Circuit bending. Reed Ghazalla maakt instrumenten van kleine elektronische apparatuur (zoals speelgoed) die gemodificeerd en kortgesloten wordt.

Steeds weer ontstaan nieuwe instrumenten met andere interfaces die nieuwe geluiden voortbrengen. De elektronische audio kunst vereist geen voorkennis en helpt mee aan de recycling van veel afgedankte massaproducten.

9. Low Art

9.1 Krautrock: Kraftwerk

Halverwege de jaren 60 ontstaan er onder invloed van Karlheinz Stockhausen verschillende experimentele Elektronische Musik groepen. Verspreid over verschillende steden in Duitsland ontstaat een stroming die later Krautrock zal gaan heten. In Berlijn begint Tangerine Dream (met Klaus Schulze), Amon Düül in München, CAN in Keulen en in Dusseldorf richten Ralf Hütter en Florian Schneider het collectief Kraftwerk op. Kraftwerk maakt Avant Garde muziek mainstream en heeft daardoor veel invloed op andere, met name Engelse Post-Punk bands later in de jaren 70, en legt het de basis van Techno. In 1970 richt de band de eigen Kling Klang Studio in met als centraal middelpunt een Mini Moog. Optredens hebben meer weg van performances wanneer ze als robots optreden. Dat doen ze voor een video installatie bestaande uit computergestuurde videoschermen.

kraftwerk-ralf-florian-back

Afbeelding 18: Kraftwerk (1974) Achterzijde van Ralph und Florian (Philips)

9.2 Glamrock: Brian Eno

Componist en producer Brian Eno stuit als kunst academie student op John Cage en maakt een keten van Revox bandrecorders voor hij zijn carrière bij Roxy Music begint. Dat avontuur duurt kort en kort daarna brengt hij samen met Gavin Bryars “Discreet Music” met elektronische muziek uit. De solo elpee “Music for Airports” is het beginpunt van Ambient, muziek die je omringt (ten opzichte van Muzak dat achtergrondmuziek is). Naast videokunst en audiosculpturen maakte hij bijvoorbeeld ook het opstart geluid van Windows 95. In 1994 is hij Doctor of Technology na het behalen van een eredoctoraat op universiteit van Plymouth. Als producer en muzikant werkt hij onder andere mee aan de elpees van David Bowie in zijn Berlijnse periode.

roxy2

Afbeelding 19: Brian Eno (1972) in Roxy Music

9.3 Minimal: Philip Glass

Philip Glass brengt later een eerbetoon aan “Heroes” en “Low”. De klassiek geschoolde componist uit Maryland is de belangrijkste exponent van de minimale muziek. Waneer hij na zijn studie aan de Juilliard School of Music in New York de Indiase componist Ravi Shankar ontmoet, groeit zijn belangstelling voor Oosterse muziek. Zijn werk is gebaseerd op herhaling waarbij de muzikale figuren gestructureerd worden door een additieve methode van Indiase oorsprong. In het begin van de jaren 70 richt hij zijn eigen platen label op en langzaam wordt zijn muziek melodieuzer. In 1982 maakt hij voor het Holland Festival “The Photographer”, gebaseerd op het werk van Eadweard Muybridge.

114956952

Afbeelding 20: Philip Glass (1983) Voorzijde van The Photographer

9.4 New Wave

Engeland was halverwege de jaren 70 nog niet klaar voor de elektronische muziek uit Duitsland. Na punk, dat verschillende DIY labels had opgeleverd, en de verdere prijsdaling van synthesizers uit Japan, waren er verschillende groepen die elektronische muziek maakten. Geïnspireerd door sciencefiction schrijvers als James Graham Ballard, muziek van Kraftwerk, TV-series als Doctor Who en de soundtrack van de film “A Clockwork Orange” uit 1971 van Stanley Kubrick kwam de commerciële doorbraak doorbraak in 1979 toen Tubeway Army verscheen in TOTP (Top Of The Pops, popmuziek programma van de BBC tussen 1964 en 2006). De lijkbleke Gary Newman leek van een andere planeet te komen en “Are friends electric” stond kort daarna op 1. New Wave had directe verbanden met de Beat uit de jaren 60 en was veelal afkomstig van kunstacademiestudenten. Politieke statements werden hooguit in salonsocialistische abstractie geuit. Toen bleek dat er toch een toekomst was droomden New Wavers van een nieuwe wereld, desnoods een dystopie. In krochten op dansvloeren tuurden ze in stemmig zwart uren naar de grond (shoegazing is een stroming die later ontstaat en deze naam krijgt door het staren naar de effecten pedalen van gitaren) alsof ze een pond verloren hadden. New Wave combineert het compromisloze van de punk met een rijkere muzikale verscheidenheid die uiteenloopt van de doem van Joy Division (volgens Tony Wilson de eerste New Wave band met U2 als tweede) tot de etherische Cocteau Twins. Ze maakt dankbaar gebruik van de verworvenheden van de elektronische muziek en de Punk. Binnen en buiten het Verenigd Koninkrijk ontstaat een alternatief circuit dat zelf platenlabels opricht, bladen publiceert en zalen beheert. Het experiment gaat wederom ondergronds.

martin_hannett

Afbeelding 21: Joy Division (1980) Bernard Sumner en Martin Hannett (producer) tijdens de opname van “Love will tear us appart”

10. Conclusies

Muziek voor de absurdistische geest: “het klinkt als een kat die op een bij kauwt” (Maddalena Fagandini in de BBC documentaire “Alchemists of Sound”). Radiotechnici zijn kunstenaars, een geluidskunstenaar schildert met geluid. Hij brengt lagen op en zoals een schilder kleuren mengt, kan elektronica elk hoorbaar geluid reproduceren door verschillende elementen hiervan te mengen. Een kunstenaar kan chaos brengen en orde scheppen in de beperkingen van zijn medium.

Audio studio’s zijn ateliers waar lange tijd apparatuur die niet voor handen was moest worden ontworpen of gevonden in oneigenlijk gebruik en modificaties. Na enkele experimenten met vinyl speelde vooral de komst van tape een rol in deze zoektocht naar nieuwe muziek. Draaitafels werden voor een andere generatie bepalend in het maken van nieuwe muziek. De komst van synthesizers in deze werkplaatsen voegde nog meer mogelijkheden toe met duizenden nieuwe klankkleuren.

Met weinig apparatuur werd in een kleine kring veel bereikt, en waar alle technische mogelijkheden van een Musique Concrète studio nu in een telefoon zijn terug te vinden zorgde juist deze zoektocht voor nieuwe uitdagingen en ontdekkingen.

Sampling, dubbing, hiphop, scratching en turntablism zijn hippe termen voor technieken afkomstig van visionaire geluidskunstenaars die abstract geluid meer dan een eeuw geleden onderzochten. Ze vonden en beïnvloeden elkaar in verschillende werelddelen en vormen de schakels tussen de verschillende stromingen. Kunstminnende luisteraars werden gevonden via de radio en in concertzalen. Vinyl zorgde voor verspreiding over langere afstanden. Later worden musea aangedaan en blijkt in retrospectief de oorsprong van audio installaties binnen de kunst in het Italiaanse Futurisme te liggen.

De platenindustrie zag een halve eeuw lang alleen bedreiging van kapitaal in tape, hoewel het een belangrijk onderdeel van het opname proces werd (De mogelijkheid om masters te maken op tape bracht veel meer vrijheid voor minder geld in het opname proces). Synthesizers vormde vervolgens een bedreiging voor orkesten en tape kunstenaars, iedereen kon nu immers muziek maken en een industrieel product verving mensen. Computers bedreigden de synthesizers vervolgens. Emancipatie van geluid is nog niet echt van de grond gekomen en het kapitalisme heeft er alle belang bij dat alle kunst leidt tot massaproductie (zoals het oorspronkelijke idee achter de RCA synthesizer). Op het moment dat underground boven komt, gaat de commercie ermee vandoor en is het tijd voor nieuwe underground. De uitvindingen en de blijvende behoefte aan een subcultuur zijn belangrijk geweest voor de ontwikkeling van elektronische muziek.

11. Bronnen

11.1 Boek

Adorno, T.W. (1949). Philosophie der neuen Musik. Frankfurt am Main: Suhrkamp Verlag (3-518-27839-8)

Cateforis, T. (2011). Are we not new wave?: modern pop at the turn of the 1980’s. Michigan: University of Michigan (978-0-472-11555-6)

Cook. N en Pople, A. (2004). The Cambridge history of twentieth-century music. Cambridge: Cambridge University Press (0-521-66256-7)

Druckrey, T. (1999). Ars electronica: facing the future: a survey of two decades. Cambridge, Massachusetts en Londen: The MIT Press (0-262-04176-6)

Dwyer, T. (1971). Composing with tape recorders :Musique Concrète for beginners. Londen: Oxford University Press (0-19-311912-9)

Eimert, H. en Stockhausen, K. (1955) Elektronische Musik. Wenen: Universal Edition (-) Griffiths, P. (1978). Modern music: a concise history from Debussy to Boulez. Londen: Thames and Hudson (0-500-20164-1)

Judd, F.C. (1965). Elektronische Musik, musik aus der Retorte. Londen: Spearman (-)

Kuspit, D. (1993). The cult of the avant-garde artist. Cambridge: Cambridge University Press (0-521-41345-1)

Licht, A. (2010). Sound Art: Beyond music, between categories. New York: Rizzoli International Publications (0-8478-2969-3)

Mackay, A. (1981). Electronic music: the lnstruments. the muslc & the musicians.Oxford: Phaidon (0-7148-2176-4)

Manning, P. (1985). Electronic and computer music. Oxford: Clarendon Press (0-19-311919-8)

Martin, G. (1984). Popmuziek. Utrecht en Antwerpen: Het Spectrum (90-274-8994-7)

Montagu, J. (1981). The world of romantic & modern musical instruments. Mishawaka: Overlook Press (978-0879511265)

Mulder, A. en Brouwer, J. (2007). Dick Raaijmakers: Monografie. Rotterdam: V2_instituut voor de instabiele media en NAi uitgevers (978-90-5662-599-3)

Robinson, J. (2010). John Cage (October files). Cambridge, Massachusetts: The MIT Press (978-0-262-51630-3)

Rush, M. (1999). New media in art. Londen: Thames and Hudson (0-500-20378-4)

Shapiro, P. (2000). Modulations – A history of Electronic Music: Throbbing words on sound. New York: Caipirinha (1-891024-06-X)

Steensma, F. (1997). Oor’s Pop encyclopedie 11e editie 1998. Amsterdam: Rupert van Woerkom (90-5501-475-3)

Swaaij, L. van (2011). Witteveen+Bos-prijs voor Kunst+Techniek 2011: Dick Raaijmakers. Deventer: Witteveen+Bos-prijs voor Kunst+Techniek (978-94-90335-00-7)

Vaan, R. de (1992). Spirituele interactie. ‘s-Hertogenbosch: RdV (-)

Vaan, R. de (2010). Nieuwe media in de 19e eeuw. Drunen: RdV (-)

Vaan, R. de (2011). Toekomstmuziek. Drunen: RdV (-)

Vaan, R. de (2011). Toonzetters: Tegendraadse muziek uit een nieuwe werkplaats. Drunen: RdV (-)

Weiland, F.C. en Tempelaars, C.A.G.M. (1982). Elektronische muziek. Utrecht: Scheltema en Holkema (90-313-0531-6)

Westen, H. van (1982). Beknopte geschiedenis van de populaire muziek: vanaf 1900 tot heden. Groningen: Wolters-Noorhoff (90-01-948006)

Winkler prins redactie (1979). Kleine Winkler Prins in kleur. Elsevier: Amsterdam/Brussel (9010020304)

11.2 Pdf

Atkinson, 0. (2007). Digital Prosperity

Beatlesfanclub.nl. (2006). Nieuwsoverzicht

Birdsall, C. (2008). Sonic Meditations

Burraston, D. (2005). Cellular Automata

Cage, J. (2001). Variations

Collins, N. (2006). Handmade Electronic Music: The Art of Hardware Hacking

DEAF. (1996). Reader

Dibbets, K. (1992). Philips in film

Duguid. B. (XXXX). A Prehistory of Industrial music

Dunn, D. (XXXX). A history of Electronic Music Pioneers

Duranti, L. (2004). Preserving authentic Electronic Art over the long term

Fogle, M. (2009). Understanding Electronic Music

Follmer, G. (2005). Audioart

Hegarty, P. (XXXX). Full with noise: Theory and Japanese noise music

Hilsdorf, H.K. (1969). Revibration of retarded concrete for continuous bridge decks

Holmes, T. (2008). Electronic and Experimental music

Hopper, L. (2008). Synaestesia

Hulst, W. van (XXXX). Herbouw Philips paviljoen

Jansegers, L. (XXXX). Hedendaagse muziek

Kahn, D. (2001). Audioart in the deaf century

Kahn, D. (XXXX) The arts of sound art and music

Kerckhaert, O. (2007). Zelfexpressie in elektronische muziek

Kim-Cohen, S. (2009). In The Blink of an ear

Kloppenburg, W. (XXXX). Inleiding tot de muziek van Eergisteren

Levin, T. (2003). Tones from out of nowhere

Lietti, A. (2007). Studio di Fonologia Musicale di Radio Milano

Mahler, R.C. (2005). Acoustical Monitoring Research

Make Noise (XXXX). Phonogene

Mannaris, B. (2001). Searching for beaty in music

Mclaren, N. (1952). Animated sound on film

Nieva, S. (2011). Esthetiek van klank

Pol, A. van (2008). Op de grens van het muzikale Master Thesis Muziekwetenschap

Robertson, E. (2010). Abstract

Samama, L. (XXXX). Muziek in een moderne wereld

Scholtens, W. (1994). Kierkegaard over aethervervuiling

Scholtens, W.R. (1974). Soren Kierkegaard

Serafin, S. (2005). Russolo’s lntonarumori

Shands, P.M. (2000). The aestetic and technical treatment of the clarinet in selected

nineteenth century French orchestration treatises

Soder, A. (2008). Sprechstimme in Pierrot Lunaire

Sorapure, M. (2003). Five principles of New Media or playing Lev Manovich

SOS. (2008). The Story of the BBC Radiophonic Workshop

Tagg, P. (2002). A short prehistory of Western Music

Tamm, E. (1988). Brian Eno

Taylor, J.M. (2008). The lmmApp

Tencer, M. (1966). Manifestos

Verenigde Naties. (2010) Werelbeeld

11.3 Net

http://120years.net/

http://www.aes-section.nl/lezingen/project%20161/project161.html

http://www.allmusic.com/

http://www.anti-theory.com/soundart/circuitbend/

http://artsaha.org/?page_id=605

http://blog.sony.com/flashback-friday-1950-g-type-tape-recorder

http://blog.wfmu.org/freeform/2007/04/john_cage_on_a_.html/

http://www.cardiffmiller.com/

http://cnmat.berkeley.edu/user/miki_kaneda/blog/2007/12/20/electroacoustic_music_japan_persistence_diy_model

http://www.componisten.net/

http://www.constantvzw.org/site/

http://www.costis.org/x/schwitters/ursonate.htm

http://cycling74.com/

http://delia-derbyshire.net/BBCScotlandInterview.html#WayOut

http://delia-derbyshire.net/#JohnPeelsVoice

http://www.delia-derbyshire.org/unitdeltaplus.php

http://www.digischool.nl/ckv2/ckv3/kunstentechniek/philips/het_philipspaviljoen.htm

http://discorgy.wordpress.com/2008/08/04/varese-xenakis-le-corbusier-poemeelectronique-1958/

http://www.doepfer.nl/index.html

http://www.digital-arts.net/ultraloud/

http://www.electronicmusictimeline.blogspot.com/

http://www.essl.at/works/fontana-mixer/download.html

http://fransdewaard.com/

http://generativemusic.com/

http://www.gieskes.nl/

http://gogxmagog.blogspot.com/2011/05/progenitors-radiophonic-sound.html

http://www.gordonmonahan.com/pages/speaker_swinging.html

http://www.guardian.co.uk/music/2011/jul/28/cage-imaginary-landscapes-credo-in-usreview

http://www.hccmuziek.nl/content/view/41/85/

http://www.icce.rug.nl/~soundscapes/VOLUME07/Natlab_electronics.shtml

http://inventors.about.com/od/bstartinventors/a/telephone.htm

http://www.johncage.org/autobio/JohnCageFolksonomy.html

http://www.kindamuzik.net/achtergrond/diverse-artiesten/abc-der-noise/12474/

http://www.koncon.nl/nl/Onderzoek/Academie%20der%20Kunsten/

http://lovedifference.wordpress.com/articlespodcasts/hearing-silence-seeing-soundsusan-

hiller-at-matt%E2%80%99s-gallery/

http://www.maxobjects.com/

http://www.medienkunstnetz.de/works/intonarumori/audio/7/

http://music.hyperreal.org/artists/brian_eno/25

http://www.musik.uni-osnabrueck.de/lehrende/muessgens/studentisches/horstmann/Horstmann_Notation.html

http://www.muziekencyclopedie.nl/action/home

http://news.bbc.co.uk/2/hi/uk_news/magazine/7365120.stm

http://nl.myspace.com/deliaderbyshirefan/music

http://www.nytimes.com/1985/05/19/arts/peirre-boulez-is-schoenberg-s-ardentadvocate.html

http://oregonstate.edu/instruct/phl302/texts/bacon/atlantis.html

http://ows.clients.vellance.net/ows/?locale=nl_NL

http://www.oxfordscholarship.com/view/10.1093/acprof:oso/9780195144840.001.0001/acprof-9780195144840-chapter-3

http://www.peterbatchelor.com/

http://www.phga.nl/cga/index.htm

http://www.primeloops.com/news/in-the-ring-musique-concrete-vs-elektronische-musik/

http://radio.klara.be/

http://sonhors.free.fr/panorama/sonhors7.htm

http://www.sonology.org/NL/SOmain.html

http://soundandmusic.org/features/sound-film

http://www.soundonsound.com/sos/apr08/articles/radiophonic.htm

http://www.soundtoys.net/journals/audio-art-in-the

STEIM Radio #8: Music of Michel Waisvisz

http://stendhalgallery.com/?page_id=2178

http://www.stockhausen.org/

http://www.stokowski.org/Development_of_Electrical_Recording.htm

http://sufimovementusdutchtranslations.blogspot.com/2011/06/de-mystiek-vangeluid-8.html

http://www.tagg.org/teaching/Origins1-2.html

http://www.thereminvox.com/

http://www.timelab.org/

http://ubu.com/

http://www.umatic.nl/tonewheels_historical.html

http://www.v2.nl/archive/articles/interview-v2_organisation-2000

http://www.vintagerecorders.co.uk/

Poème électronique

http://wouterjaspers.com/

11.4 Audio

1 Richard Wagner_Der Ring des Nlbelungen_Das Rhelngold Act 1_ Prelude-Part

2 Claude Debussy_ Clair de lune

3 Erik Satie_Gnossienne No.1

4 Sergej Diaghilev_Vera Savina_Ballets Russes Ballerlna

5 Kurt Schwitters_Ursonate

6 Arnold Schönberg_Pierrot lunaire 1/2

7 Busoni_door_Hamel in_Piano Concerto 1_9

8 Filippo Tommaso Marinetti_Battaglia di Trlpoii_Futurismo

9 Francesco Balilla Pratella_La Guerra

10 Luigi Russolo_ Veglio Di U na Città

11 Arseny Avraamov Symphony Of Factory Sirens

12 Fernand Leger en George Antheil_Ballet Mécanique (1924)_Part1/2

13 Leon Theremin_playing his own instrument

14 Clara Rockmore_Air_ (Mattheson)

14 Ciara Rockmore_ Tchaikovsky _Berceuse

14 Ciara Rockmore_ Valse Sentimentale

15 Spellbound_ Percy Grainger

16 The Day The Earth Stood Still

17 Celia Sheen_Midsomer Murders

18 John Cage_4_33

18 John Cage_Lecture on nothing

18 John Cage_silence

18 John Cage_Sonata 11 For Prepared Plano

19 Toru Takemitsu_Woman in the Dunes

20 Minao Shibata_Shibata_lmprovisatlonl

21 —

22 Pierre Schaeffer_Symphonle pour un homme seul

22 Pierre schaeffer_Etude aux chemins de fer

22 Pierre Schaeffer_Scherzo

22 Pierre Schaeffer_Symphonie pour un Homme Seul

23 Iannis Xenakis_Oriënt Occident

24 Edgar Varese_lntegrales

24 Edgar Varese_Poème Electronique

25 Igor Stravinsky_Piano Sonata

26 Henk Badings_Symphony No.2

27 Dick Raaijmakers en Tom Dissevelt _Song of the Second Moon

27 Dick Raaijmakers en Tom Dissevelt Sonik Re-entry

28 Daphne Oram

29 Ray Cathode_ Time Beat

29 Ray Cathode_Waltz In Orbit

30 The Beatles_Rain

30 The Beatles_Tomorrow Never Knows

31 Delia Derbyshire_Blue Veils and Golden Sand

31 Delia Derbyshire_Doctor Who Theme Tune 1963- 1969

31 Delia Derbyshire_Love Without Sound

31 Delia Derbyshire_Ziwzih Ziwzih 00-00-00

31 Pink Floyd_One of These Days

32 White Noise_Your hidden dreams

33 Karlheinz Stockhausen _Elektronische Studie ll

33 Karlheinz Stockhausen_Etude

33 Karlheinz Stockhausen_Telemusik

34 Karel Goeyvaerts_ Komposition 5

35 Gottfried Michael Koenig_ Segmente 1-7

36 Wendy Carlos_Clockwork Orange

37 Tangerine Oream_Stratosfear

38 Klaus Schulze_Live WDR Köln

39 Amon Düül_Im garten sandosa

40 Kraftwerk_Computer Liebe

40 Kraftwerk_Ruck Zuck

40 Kraftwerk_Showroom Dummies

40 Kraftwerk_Tanzmusik

41 Brian Eno / Roxy Music_Old Grey Whistle Test

41 Brian Eno_Discreet Music

41 Brian Eno_Music For Airports

42 Philip Glass_Warszawa

43 David Bowie_Heroes

43 David Bowie_Warszawa

44 Tubeway Army_Are Friends Electric

45 Joy Division_She’s Lost Control

46 Cocteau Twins_Lorelei

11.5 Video

BBC4. The Alchemists of Sound: Radiophonic Workshop

BBC Radiophonic Workshop Desmond Briscoe Rare Clip

BBC Delia Derbyshire of the Radiophonic Workshop

BBC. Five Days at the BBC Radiophonic Workshop

BBC4. Krautrock: The rebirth of Germany

BBC4. Synth Britannia

BBC. Doctor Who Original Episode One: The Unearthly Child

The Tardis takes off for first time -Classic Doctor Who

Delia Derbyshire- Sculptress of Sound

Daphne Dram documentary -Wee Have Also Sound-Houses

A Brief History of 50‘s Scifi in the Movies

A Short 4 Part History of Electronic Music

Arena – Brian Eno – Another Green World

Babbitt Portrait of a Serial Composer (Robert Hilferty)

Channel 4. (1986) The Tube: Brian Eno Interview Jools Holland

Edgar Varese Sonic Liberation Documentary

Kulturplatz – Le Corbusier-Retrospektive

Pierre Henry documentary- The Art of Sounds

The Futurist Movement – F.T Marinetti

Robert Moog – A documentary film

11.6 Foto (Afbeeldingen)

Afbeelding 0 (voorzijde): Minimoog diagram Oscilator

http://www.fantasyjackpalance.com/fjp/sound/synth/synthdata/16-moogminimoog.

html#3a (bewerkt)

Afbeelding 1: Bacon’s Sound-Houses

http://sylvest.wordpress.com/

Afbeelding 2: Radio Banzai (1988) flyer

Eigen collectie

Afbeelding 3: Wassily Kandinsky (1911) “Impressions III (Concert)”

http://arthistory.about.com/od/from_exhibitions/ig/kandinsky_retrospective/

kandinsky_gugg_0910_05.htm

Afbeelding 4: Arnold Schönberg Pierrot Lunaire

http://www.maurograziani.org/wordpress/archives/tag/schoenberg

Afbeelding 5: Telharmonium

http://ommalaga.com/ATI-GABIROL/Recursos/Cursillos/Curso01/TEMAS/

UD02Guia.htm

Afbeelding 6: Luigi Russolo en Ugo Piatti met Intonarumori

http://fgamedia.org/faculty/rward/russolo.html

Afbeelding 7: Arseny Avraamov speelt symfonie vanaf het dak van een fabriek

http://www.harsmedia.com/SoundBlog/Archief/00627.php

Afbeelding 8: Clara Rockmore bespeelt een Theramin

http://www.metroactive.com/papers/metro/11.02.95/theremin-9544.html

Afbeelding 9: Marconi-Stille Recorder

http://www.btinternet.com/~roger.beckwith/bh/tapes/ms.htm

Afbeelding 10: John Cage (1952) “4’33”

http://www.restandnoise.com/blog/2010/12/of-note-john-cages-433-aims-for-christmasno-1/

Afbeelding 11: Sony (1950) G-Type productie

http://blog.sony.com/flashback-friday-1950-g-type-tape-recorder

Afbeelding 12: Pierre Schaeffer (1953) met Photogene

http://www.rem.ufpr.br/_REM/REMv4/vol4/arti-palombini.htm

Afbeelding 13: Philips (1958) Paviljoen op Wereldtentoonstelling

Virtual Electronic Poem

Afbeelding 14: Delia Derbyshire (1965) in The Radiophonic Workshop

http://delia-derbyshire.net/

Afbeelding 15: WDR (1952) Monochord van Friedrich Trautwein in Der Elektronische

Musik Studio

http://120years.net/machines/monochord/index.html

Afbeelding 16: Karlheinz Stockhausen (1954) Elektronische Studie II

http://chanceoperations.blogspot.com/2010/11/notation-2.html

Afbeelding 17: Walter Carlos (1968) achter een Moog synthesizer

Cinema Sounds: Tron

Afbeelding 18: Kraftwerk (1974) Achterzijde van Ralph und Florian (Philips)

http://machinemusic.org/2010/04/27/kraftwerk-ralf-and-florian-tanzmusik-on-8-track/

Afbeelding 19: Brian Eno (1972) in Roxy Music

http://blackhairedboy.blogspot.com/2012/04/roxy-music-40-years-later.html

Afbeelding 20: The Photographer (1983) voorzijde hoes van Philip Glass

http://www.cdandlp.com/item/2/0-1403-0-1-0/114956952/philip-glass-thephotographer.

html

Afbeelding 21: Joy Division (1980) Bernard Sumner en Martin Hannett (producer)

tijdens de opname van “Love will tear us appart”

“The Mad Genius of Manchester”: A Profile of Producer Martin Hannett

Afbeelding 22/23: ADSR en Golfvormen

http://blog.educastur.es/iscm/category/apuntes/page/3/

http://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/7/77/Waveforms.svg

Afbeelding 24: Met de klok mee Arnold Schönberg, Edgard Varèse, John Cage en

Karlheinz Stockhausen

http://nl.wikipedia.org/wiki/Wiki

Afbeelding 25 (achterzijde): Robert, Steven van Eck

 

11.7 Lessen

Christianne Niesten

Manon Berendse

Peter Sniekers

Simone Rijs

Tijn Vaes

12. Bijlagen

12.1 Begrippenlijst

adsr1024px-golfvormen

Afbeelding 22/23: ADSR en Golfvormen

ADSR: Opbouw van geluid. (Attack (een snelle aanzet: het geluid bereikt onmiddellijk de grootste toonsterkte (amplitude), Decay (het wegsterven van geluid: het deel na de amplitude) Sustain (aanhouden van geluid) en Release (loslaten van geluid) Een piano heeft een snelle attack en trage decay. Een cello heeft een trage attack, kan lang worden aangehouden (sustain) voor de release.)

Aleatorisch: Met toeval door improvisatie

Atonaal: Zonder vaste grondtoon / toonsoort

Decafonie: Zonder slaaf te worden van deze seriële techniek in de atonaliteit

Dodecafonie: Met twaalftoon reeks

Elektronica: Techniek van vrije of zwak gebonden elektronen (gelijkstroom)

Elektroacoustisch: Langs elektronische weg

Envelopes: Registers

Filteren: Veranderen van klankkarakter

Frequentie: Aantal trillingen per seconde, hoe hoger de frequentie hoe hoger de toon. De eenheid is Herz (1Hz=1 trilling per seconde: f=1/sec.)

Geluid: Trillingen in de lucht, het zijn kleine veranderingen in de luchtdruk, voortgebracht door een klankbron. Verspreid zich met een snelheid van 343 meter per seconden in alle richtingen en “voelen” we met het trommelvlies in onze oren. In de oren worden de trillingen omgezet naar elektrische signalen die vervolgens naar de hersenen worden gestuurd. Zodra deze hierin zijn verwerkt, worden we ons bewust van de aanwezigheid van geluid en de waarneming hiervan. Hoe het geluid klinkt is afhankelijk van frequentie, harmonischen, intensiteit en omgeving

Golf: Sinus golf (een harmonische, zuiver geluid, klinkt rond, zoet), Driehoek (alle oneven harmonischen), Zaagtand (Alle (even en oneven) harmonischen), Blok golf (alle oneven harmonischen, een helder en hol geluid), Puls (blokgolf met andere verhouding), Ruis (willekeurig, toonhoogte blijft hetzelfde)

Harmonische: Boventonen, de harmonische bepalen de klank zodat een piano C anders klinkt als een C van een fluit. Maar ook de specifieke vervorming van een instrument zijn Harmonische. Ze laten zich niet meten.

Instrumenten: (ingedeeld naar manier van klankvoortbrenging, bron winkler prins) blaasinstrumenten, snaarinstrumenten (te onderscheiden in strijk-, tokkel- en toetsinstrumenten), slaginstrumenten, elektronische

Intensiteit: Bepaald het volume (druk), eenheid is Decibel (0dB=gehoordrempel)

Microtonaal: Afwijkende toonstelsels

Minimal: Met motieven die zich met lichte verschuivingen herhalen

Musique concrète: Muziek met natuurlijke geluiden voortgebracht door elektronica

Notatie: Het schriftelijk aanduiden van tonen door tekens, die de hoogte en de relatieve duur daarvan aangeven (bron winkler prins)

Omgeving: Reflecties, de nagalm van een weiland is heel anders dan die van een garage

Optisch: Betrekking tot licht

Serialistisch: Elementen van rekenkundige reeksen

Vocoder: Zaagtandgolf van aangeboden signaal, eerste uit 1939 (Bell), Walter Carlos gebruikte deze voor het eerst in muziek

12.2 Makers (Selectieve lijst)

Laurie Anderson: Multi-media performer die zich baseert op experimenten van de Dadaïsten en Surrealisten van de jaren dertig en de ‘happenings’ van de jaren zestig. Scoort in ’81 een vocoder hit met 0 Superman, later geproduceerd door Brian Eno.*

AMM: Jaren zestig collectief die lieten horen hoe je instrumenten anders kunt gebruiken. Op de debuutplaat staat geschreven “Every noise has a note.”**

Amon Düül: Uit kunstenaarscommune ontstane Duitse Krautrocker band, later opgevolgd door Amon Düül II.***

George Antheil: Een van de eerste Amerikaanse componisten die internationale bekendheid verwierf.***

Arseen Avraamov: Russische dienstweigeraar die pionierde met optisch geluid op film die de Futuristische compositie “Symphony of factory sirens” maakte.

 

Henk Badings: Componiste en oprichter van de eerste elektronische muziek studio in Nederland.***

The Beatles: Band die de meeste innovaties in de popmuziek bracht.***

Pierre Boulez: Franse Seriële componist die leiding gaf aan verschillende orkesten.***

Luciano Bercio: Italiaanse componist die citaten van onder andere James Joyce gebruikt en volksmuziek verwerkt.***

David Bowie: Een van de meest veelzijdige popartiesten.***

Glenn Branca: De noise composities voor meerdere gitaren met veel feedback worden later verruilt voor strijkers. Inspireerde Thurston Moore om Sonic Youth op te richten.*/**

Ferruccio Busoni: Legt met “Schets voor een nieuwe esthetiek voor muziek” de basis voor het Futurisme.

Cabaret Voltaire: Pioniers in de experimentele elektronische sample pop die in de jaren zeventig beginnen op het Facory platenlabel.

John Cage: John Cage legde na Luigi Russolo een belangrijk deel van de noise fundering. Onlogisch en zonder melodie heeft elk geluid, hoe lelijk ook, een muzikale aantrekkingskracht had als het maar voldoende vaak herhaald word.**

Walter/Wendy Carlos: Componist die klassieke muziek populair maakte.***

Cocteau Twins: Etherische popmuziek van kunstzinnig platenlabel 4AD.***

Coil: Veelzijdige Britse experimenten van Peter Christopherson (Throbbing Gristle/Psychic TV) en John Balance (Psychic TV). Muziek heeft emotionele output van een vlammenwerper: apocalyptische waanzin gekoppeld aan majestueuze grootsheid, sfeervolle klankschilderingen van arty disco.**

The Dead C: Psychedelische lo-fi soundscapes met dronende feedback en bedompte percussie.

Claude Debussy: Muzikaal impressionist die “wereld muziek” in klassieke muziek bracht.***

Delia Derbyshire: Een van de sleutelfiguren van de elektronische muziek.***

Sergej Diaghilev: Stichter van de Ballets Russes.

Tom Disseveld: Componist die samen met Dick Raaijmakers werkte aan de eerste elektronische muziek in Nederland.***

John Duncan: Geluidskunstenaar, video en performance kunstenaar en schilder maakt zelfgegenereerde ambient noise met kortegolf radio’s, oscillatoren, synthesizers en vervormingsapparatuur. Uitgangsprincipe is de zoektocht naar ongehoorde geluiden en de emotionele impact ervan. Zijn platen openbaren een wonderlijke en onheilspellende wereld van klanken en geluiden.**

Brian Eno: Ambient pionier, glam rocker, producent, multimedia kunstenaar, technologische innovator, enz.***

Einstürzende Neubauten: Chaos van industriële slopers die zelf instrumenten fabriceren om de avant gardistische industrial nog meer kracht bij te zetten.**

Faust: Duits-Zwitsers collectief dat hun tijd ver vooruit is en de Angelsaksische muziekinvloeden negeren. Cut ups van afwijkende maatsoorten en een onnavolgbare montagetechniek hadden later veel invloed op de experimentele muziek. (CAN).**

Foetus: Eenmansband van geluidenmanipulator Jim Thirlwell (of Foetus Under Glass, You’ve Got Foetus On Your Breath, Foetus Interruptus, Clint Ruin, Steroid Maximus). Koortsige en anarchistische mengeling van samples, vervormde instrumenten, industrieel geweld en sarcastische humor. Met Roli Mosimann (Swans) maakt hij speedmetal.*

Diamanda Galas: Stemkunstenares met onuitputtelijke mogelijkheden brengt stortvloed van vocaal geweld. Thema’s zijn religie, occultisme en de problematiek van het AIDS-virus.*

Gerogerigegege: Eenmansband van Juntaro Yamanouchi’s die pure noise combineerd met de kunst van het masturberen, inclusief het zwaar aangezette gekreun, gehijg en andere bijgeluiden die daar bij horen. Live zorgt het voor beruchte optredens.**

Philip Glass: Prominent minimalistisch componist die veel herhaling in zijn werk gebruikt.***

Karel Goeyaarts: Beschreef het belang van het vastleggen van de elektronische muziek partituren.

Keiji Haino: Japans fenomeen die intense fijnzinnige elektronische klanklandschappen maakt.**

Henry Cow: Brits collectief opgericht door Fred Frith vormt invloedrijke avant garde popband

Fred Frith: ontwikkelt zich van multi-instrumentalist en improvisator tot componist voor gitaar en strijkkwartetten voor theater en filmmuziek.**

Hijokaidan: Vroege Japanse noise band die Urineerde op het podium, smeed met eten en ondertussen zoveel mogelijk geluid uit hun instrumenten perste.**

Joy Division: Grondleggers van New Wave die de nadruk op stemming en expressie leggen. Band van Factory platenlabel gaat na het overlijden van zanger Ian Curtis verder als New Order (Zie ook “Toonzetters”).***

Kapotte Muziek: Nederlandse elektro-akoestisch collectief van Frans de Waard (Staalplaat mail order), Roel Meelkop (THU20) en Peter Duimelinks (THU20). De naam refereert aan de inhoud van Musique Concrète. In plaats van reguliere instrumenten wordt geïmproviseerd met vooraf gevonden voorwerpen en contactmicrofoons.*/**

Gottfried Michael Koening: Elektronische componist die onder andere samenwerkt met Karlheinz Stockhausen en György Ligeti.***

Kraftwerk: Invloedrijke Duitse grondleggers van onder andere Techno die Elektronische Musik populair maken.***

György Ligeti: Innovatieve en invloedrijk Avant Garde componist die na transcripties van Folk muziek te hebben gemaakt zich toelegt op “micropolyphony”: klankkleuren zonder melodie, toonhoogte of ritme.***

Lightning Bolt: Drie kunstacademie studenten geven guerrilla optredens op ongebruikelijke plaatsen in zalen en rammen hun eigen stempel op een vrije vorm van noiserock.**

Lydia Lunch: Conceptuele artieste maakt platen, boeken, films en optredens met feministische maatschappijkritische “spoken word”.**

Filippo Tommaso Marinetti: Schrijver van het eerste Futuristische manifest.

Metal Machine Music: Halverwege de jaren zeventig maakt Lou Reed uitgerekte Velvet Underground feedback sessies.**

Merzbow: Japanse eenmansband van Masami Akita vernoemd naar Merz91 van Dadaïst Kurt Schwitters. Beïnvloed door S&M en Whitehouse brengt de band sinds 1980 meer dan 150 albums uit. Oorsplijtende noise waarbij het luisteren geen houvast biedt maar plaatsmaakt voor een welhaast fysieke ervaring.**

Nurse with wound: Steven Stapleton, hoesontwerper van verschillende krautrockbands, maakt vanaf eind jaren 70 surrealistische collages met elektronica en tape-loops. Instrumenten zorgen voor auditieve provocaties.

Jim O’Rourke: In ’69 geboren componist, improvisator en producer die met klassiek instrumentarium en omgevingsgeluiden ambient achtige elektroakoestische geluidskunst maakt. (2) is een collage-compositie.*

John Olson: Mede-oprichter van noise acts Wolf Eyes en eigenaar van undergroundlabel American Tapes. Daarnaast laat Olson zich gelden in Graveyards en Dead Machines.**

Daphne Oram: Componiste die The Radiophonic Workshop opricht en daarmee het begin van Elektronische muziek in Groot-Brittannië markeert. Later ontwikkeld ze Oramics, een systeem dat via een grafische interface synthetisch geluid genereert.***

Père Abu: Uit Cleveland,afkomstige avant garageband rond David Thomas die intense en volstrekt oorspronkelijke folk met experimentele van de avant garde maakt.*

Pink Floyd: De eerste space rock band die de grenzen opzocht van elektronische pop.***

Francesco Ballila Pratella: Schrijver van het manifest van de Futuristische musicus.

Prurient: Dominick Fernow (Hospital Recordings label) streeft naar extreem mentale én fysieke noise ervaring gebruikmakend van onconventionele instrumenten als frituurpannen, metaalplaten en ijzerdraden.**

Dick Raaijmakers: Wordt alom erkend als één van de grondleggers van de Nederlandse elektronische muziek in de jaren vijftig en is als ‘multimediakunstenaar’ zijn tijd ver vooruit geweest.****

Ray Cathode: Radiophonic Workshop project van Maddalena Fagandini en George Martin.*****

Residents: Groep die er in slaagt volledig anoniem te blijven ter onderstreping van haar doelstelling: het maken van muziek over muziek. Het resultaat is absurdistisch en de elektronica zit vol ontregelde muzieknoten.*

Clara Rockmore: Theramin virtuoos Clara Reisenberg kreeg les van Leon Theramin.***

Luigi Russolo: Luigi Russolo (1885-1947) schreef als lid van de Futuristen het Art Of Noise manifest, een schrijven waarin hij zijn visie over het gebruik van alledaagse geluiden (noise) in de muziek van de toekomst gaf. Iets dat later onder andere tot uiting kwam via de Musique Concrête stroming ingezet door Pierre Schaeffer.**

Eric Satie: Franse componist met een ingetogen melancholische impressionistische stijl.***

Pierre Schaeffer: Grondlegger van Musique Concrète en tape kunstenaar van het eerste uur.***

Arnold Schönberg: Controversiële componist met grote stilistische diversiteit, bewonderd door zijn collega’s en gehaat door het conservatieve Weense publiek.***

Klaus Schulze: Na Tangerine Dream en Ash Ra Tempel solo maker van epische, meditatieve soundscapes met een belangrijke invloed op de New Age esthetiek.***

Kurt Schwitters: Kunstenaar, grafisch ontwerper, typograaf, decorontwerper en dichter.***

Minho Shibata: Grondlegger van Japanse elektronische muziek.

Smegma: Maakte deel uit van de Los Angeles Free Music Society, een collectief van noiseanarchisten. Maakt cut up noise.**

Karlheinz Stockhausen: Een van de meest innovatieve muzikale persoonlijkheden. Innovatief en Mysterieus.***

Igor Stravinsky: Vernieuwer die zichzelf steeds opnieuw uitvond.***

Swans: Toonaangevende noiseband uit New York van zanger en schrijver Michael Gira. De beginjaren worden bepaald door extreem logge ritmes, vervormde gitaren, maagsplitsende baspartijen en Gira’s duivelse stem, later introspectiever en akoestischer.*

Tangerine Dream: Instrumentale Duitse Krautrockers met veel invloed op New Age muziek.***

Toru Takemitsu: Japanse componist die Oosterse en Westerse muziek samenbracht.***

Leon Theramin: Russisch componist en uitvinder.

Throbbing Gristle: Throbbing Gristle bestaat uit Genesis P-Orrdige, Chris Carter, Cosey Fanni Tutti en Peter Christopherson en startte als Coum Transmissions in 1969. Bizarre collages flirtte met alle verkeerde idealen en hadden thema’s als mishandeling, fascisme, nihilisme enabsurdisme. Psychic TV en Coil ontstaan later uit de band die veel invloed had op de DIY esthetiek en de experimentele en industriële muziek.

Tubeway Army: Gary Numan ontdekt een mini-Moog synthesizer en de rest is geschiedenis.

Tuxedomoon; Weet Musique Concrète, elektronica, jazz, filmmuziek, Europese tradities en invloeden van Erik Satie, William S. Burroughs, Brian Eno en Albert Camus tot een melancholiek en sfeervol geheel om te zetten.*

V∞redoms: Voorheen Boredoms en makers van onovertroffen Japanse experimentele noiserock.**

Edgard Varèse: Een van de meest invloedrijke muzikanten van de twintigste eeuw door zijn concept van “georganiseerd geluid” dat leidde tot experimenten met vorm en textuur. Hij was voortdurend op zoek naar nieuwe geluidsbronnen en werkte constant met ingenieurs en wetenschappers.***

Richard Wagner; Revolutionaire componist die veel invloed had op de ontwikkeling van de harmonie en muzikaal drama. Het werk wordt gekenmerkt door een hoge mate van chromatiek, een rusteloze, tonale instabiliteit, weelderige harmonieën en onverwachte wendingen.***

White Noise: Pop project van de Radiophonic Workshop.

Whitehouse: Inspirator van de Japanse noisescene, gierende electro-noise gaat vergezeld van maatschappijkritische teksten die furieus over de soundscapes worden geblaft.**

Wire: Londens gitaarkwartet dat als geen ander een brug slaat tussen Avant Garde en poppy toegankelijkheid. Wire’s experimentele effectmuziek is langzaam, teer, afstandelijk, sober en vaak structuurloos.*

Iannis Xenakis: Mathematische dichte composities die alleen geschikt zijn voor avonturiers met een behoorlijk uithoudingsvermogen.**

Z’ev: Stefan Weiser werkte samen met Glenn Branca en John Cage, maar maakt vooral solo indruk als vrije vorm percussionist. Grote stukken metaal, gigantische veren, aan elkaar geschakeerde pijpleidingen en een handvol plastic waterreservoirs dienen als geluidsbronnen.**

Noviet France: In obscuriteit levende klankalchemisten uit Newcastle, die met ambient klankwaaiers (niet zelden refererend aan de Musique Concrète) een andere manier van luisteren en daarmee indirect een ander bewustwordingsproces proberen te bewerkstelligen.*

 

Bron (12.2) Vrij naar

* Pop enceclopedie

** http://www.kindamuzik.net/achtergrond/diverse-artiesten/abc-der-noise/12474/

*** http://www.allmusic.com/

**** http://www.dickraaijmakers.nl/

***** http://blog.wfmu.org/freeform/2007/04/ray_cathode_aka.html

 

12.3 Partituren (Selectieve lijst)

Afbeelding 24: Met de klok mee Arnold Schönberg, Edgard Varèse, John Cage en Karlheinz

Stockhausen

12.4 Audio

Deze bijlage bevat elementen van 11.4 en bevind zich op bijgevoegde geluidsdrager.

 

13. Voetnoten

1 vrije vertaling naar Francis Bacon “The new Atlantis” (1624): http://www.humanistischecanon.nl/wetenschappelijke_revolutie/francis_bacon

2 Music: a working definition, short definition uit: A Short Prehistory of Western Music, (Provisional course material, W310 degree course). Philip Tagg (2002) Institute of Popular Music, University of Liverpool

3 The Telegraph headline voor verslag van expositie “Kandinski: The Path to Abstraction, 1908-1922” die plaatsvond in 2006 in Tate Modern (http://www.telegraph.co.uk/culture/art/3653012/The-man-whoheard-his-paintbox-hiss.html)

4 Volgens Yüeh-shu, boek over muziek uit 150 na Chr.

5 The Teaching of Hazrat Inayat KhanVol. 2, The Mysticism of Sound, Abstract Sound

6 Robert de Vaan “Spirituele interactie” (1992), scriptie over Wassily Kandinsky

7 vorm van beeldspraak waarbij de zintuiglijke effecten van objecten verwisseld of gemengd worden (zoals schreeuwende kleuren, onwelriekende woorden, een diepe stem) bron: Jan de Jong Syllabus Literaire Begrippen http://www.fontys.nl/lerarenopleiding/tilburg/nede

8 Wassily Kandinsky in Über das Geistige in der Kunst (1912)

9 een A was bijvoorbeeld afhankelijk van de set noten eromheen

10 kunst is de schreeuw van de levenden over het ; lot van de mensheid

11 Bron: Center for Studies on New Religions: http://www.cesnur.org/2002/bauer.htm

12 winding van koperdraad dat een magnetisch veld opwekt

13 twee afgeschermde geleiders in een component dat elektrische lading kan opslaan

14 Friedrich Trautwein gebruikte later vacuüm buizen in zijn door Telefunken geproduceerde Trautonium wat resulteerde in een rijker geluid. Partituren kwamen onder andere van Oskar Sala

15 werk dat onder andere ook Arnold Schönberg beïnvloedde

16 Vrij vertaald naar Ferruccio Busoni “Schets voor een nieuwe esthetiek voor muziek”

17 Vrij vertaald naar Francesco Balilla Pratella “Manifest van de Futuristische musicus”

18 L’arte dei rumori

19 1 brullen, klappen, vallend water, rijgeluiden, blaasbalgen, loeien, 2 fluiten, snurken, snuiven, 3 fluisteren, mompelen, ritselen, mopperen, knorren, brommen, gorgelen, 4 scherpe geluiden: snerpen, scheuren, rinkelen, mixen, kraken, zoemen, schuiven, 5 percussie geluiden: metaal, hout, steen, klei 6 dierlijke en menselijke geluiden: stemmen, schreeuwen, kreunen, kermen, roepen, lachen, rochelen, snikken

20 In 1992 maakte Dick Raaijmakers in de V2 (Instituut voor instabiele media) met “Intona” een eerbetoon aan de instrumenten door een installatie van drie Ideophonen te maken waarin microfoon de hoofdrol spelen

21 Zie ook referaat Toekomstmuziek

22 Film was in de Sovjet-Unie een populair medium voor propaganda doeleinden en componist Arseny Avraamov speelde later een rol in de ontwikkeling van optisch geluid. Door te tekenen langs een filmspoor kon film van audio worden voorzien. Hij ontdekte dat de hoeveelheid licht de geluidsversterking bepaald en de snelheid kon worden beïnvloed door de afstand van de film en de lamp te variëren

23 een film van Fernand Leger

24 zoals (anti) oorlogsmachines

25 Een dynamische microfoon werkt als een omgekeerde speaker waarin geluidsgolven in magnetische signalen worden omgezet. In een condensator microfoon zorgen geluidsgolven voor spanning tussen twee membranen (vliesjes) en is daardoor veel gevoeliger

26 ook Etherophone en Therominovox

27 Nadat Jimmy Smith en Karlheinz Stockhausen gaan experimenteren kwamen andere kwaliteiten aan het licht

28 Omdat de master (het origineel) vanaf dat moment elektronisch vervaardigd kon worden werd het volume verhoogd en de bas weergave verbeterd

29 “Au Clair de la Lune” van Édouard-Léon Scott de Martinville is de oudst bekende opname.

30 Engels telecombedrijf opgericht door Guglielmo Marconi, uitvinder van radio

31 via de magneten in de opname en de wis kop

32 Film was vaker belangrijk geweest voor ontwikkeling van audio apparatuur: James en John Whitney ontdekten dat een slinger van een pendulum in een projector ook geschikt was om geluid te produceren. De slinger zorgt naast de variatie van de intensiteit van het licht voor het geluid ook voor een visuele interpretaties van de compositie. Rudolf Pfenninger tekende in “Tönende Handschrift” het stuk “Lago” van George Frideric Handel langs de film op. Bauhaus ontwerper Laszlo Moholy-Nagy gebruikte deze techniek voor zijn theaterproducties, waarin hij projecties en geluidsversterking gebruikte

33 duurde tot 1989

34 ook het centrum van de kunsten verplaats zich naar de VS omdat vele kunstenaars emigreren

35 European Recovery Plan

36 Zie ook de uitvoering van Water Walk in de tv show I’ve got a secret (1960): http://blog.wfmu.org/freeform/2007/04/john_cage_on_a_.html/

37 Milhoud en Hindemith waren hem voor in de jaren 20

38 Grondlegger van de sociologie

39 In de Oosterse filosofie is er geen scheiding tussen religie en filosofie

40 Oosters Systeem van kosmologie en filosofie met als doel evenwicht in tegenstellingen te vinden

41 Zie ook “I have nothing to say and I’m saying it…”: John Cage Defined in the 1950s (2004) Joe Dacey: http://universityhonors.umd.edu/HONR269J/projects/dacey.html

42 in meest negatieve zin

43 Bron: http://cnmat.berkeley.edu/user/miki_kaneda/blog/2007/12/20/electroacoustic_music_japan_persistence_diy_model

44 Nippon Hoso Kyoku

45 Nog steeds het goedkoopst

46 ook populaire jongerencultuur

47 Het boek werd later uitgewerkt tot “Traité des objets musicaux”

48 De elektronische bron van het geluid is onzichtbaar en onduidelijk

49 “Variations Sur une Flute Mexicaine” en “Orphee 51” zijn andere gezamenlijke composities

50 vrij naar: http://www.allmusic.com/artist/pierre-schaeffer-p3058/biography

51 Oorspronkelijke naam Charles-Édouard Jeanneret-Gris

52 Opname Philips Miller recorder is hier te vinden

53 Filmstudio’s bleven vasthouden aan fotografische geluidsregistratie, de apparatuur werd vooral verkocht aan geluidsstudio’s waaronder die in Hilversum

54 Er zijn geruime tijd plannen om dit paviljoen opnieuw op te bouwen en binnenkort gaat dat, mits er fondsen zijn, ook gebeuren op Strijp S in Eindhoven

55 Ook bekend onder pseudoniemen Natlab Dik en Kid Baltan

56Daphne Osram, Desmond Briscoe, Dick Mills en Brian Hodgson

57 Later ook door Nam June Pike gebruikt

58 onderdeel van platenmaatschappij EMI

59 In 2001 schreef Brian Hodgson over haar: “One night many years ago, as we left Zinovieff’s studio, she paused on Putney Bridge. ‘What we are doing now is not important for itself,’ she said, ‘but one day someone might be interested enough to carry things forwards and create something wonderful on these foundations”

60 haar invloed is bijvoorbeeld te horen op “One of these days” van Pink Floyd (op 3:05) en bij verschillende nummers van Gorillaz

61 ambient muziek ver voordat de term bestond

62 Praise to the master (terug uit afgespeeld)

63 componeerde het geluid van de Tardis in Doctor Who

64 kinderen die dus voor de tv wegduikend achter de bank naar Musique Concrète luisterden

65 vrij naar: http://www.soundonsound.com/sos/apr08/articles/radiophonic.htm en BBC 4 documentaire “Alchemists of sound”

66 Zomerschool voor nieuwe muziek

67 Arnold Schönberg, Edgard Varèse, Pierre Boulez, Bruno Moderna

68 Vrij naar “Zur musikalischen Situation” van Herbert Eimert in 1954 in het huistijdschrift van de NDR

69 Radio Corporation of America

70 Een voltage gestuurde oscillator genereert vervormde geluidsgolven, een voltage controle filter bewerkt ruwe golfvormen door boventonen toe te voegen of te verwijderen voor de klankkleur, een voltage gestuurde versterker die voor versterking (amplitude) zorgt en een ADSR generator die de vorm van de klank bepaald en daarmee de plaatsing van het geluid

71 Do It Yourself

72 nu nog

73 Een sequencer is een module die analoog of digitaal te programmeren is. De programma’s, die oproepbaar met elke snelheid en behoud van toonhoogte, maakt het mogelijk om zonder al te veel voorkennis synthesizer te kunnen spelen

74 na 1967 Wendy

75 Waar hij les kreeg van Vladimir Ussachevsky en Otto Luening

76 zoals The Funeral of Queen Mary

77 Integrated Circuit

78 Eerste computer die zong (1961) IBM 7094 (ook in 2001 A space odyssey) Daisy bell: http://www.youtube.com/watch?v=41U78QP8nBk

79 ten opzichte van Muzak dat achtergrondmuziek is

80 Top Of The Pops, popmuziek programma van de BBC tussen 1964 en 2006

81 shoegazing is een stroming die later ontstaat en deze naam krijgt door het staren naar de effecten pedalen van gitaren

82 volgens Tony Wilson de eerste New Wave band met U2 als tweede

83 Maddalena Fagandini in de BBC documentaire “Alchemists of Sound”

84 De mogelijkheid om masters te maken op tape bracht veel meer vrijheid voor minder geld in het opname proces

85 een snelle aanzet: het geluid bereikt onmiddellijk de grootste toonsterkte (amplitude)

86 het wegsterven van geluid: het deel na de amplitude

87 aanhouden van geluid

88 loslaten van geluid

89/90 Bron winkler prins

 



No Comments